**1..** De autodeelorganisatie die houder is van één of meer stadsbrede autodeelvergunningen levert elk jaar in januari aan het college gegevens over het voorgaande kalenderjaar volgens een door de gemeente bepaalde specificatie.
**2..** De gegevens bedoeld in het eerste lid omvatten:
het aantal ritten per uur;
de gemiddelde ritlengte in kilometers en tijd;
het aantal unieke gebruikers per jaar;
het aantal auto’s per vergunninggebied op een vast tijdstip (03:00 uur); en
het aantal auto’s in de vloot per status (rijdend, beschikbaar, non-actief) per uur.
**3..** Het college kan de autodeelorganisatie verzoeken een door de gemeente opgestelde enquête uit te zetten onder haar gebruikers en levert aan de gemeente de ruwe, geanonimiseerde enquêteresultaten.
HOOFDSTUK 6 › § 2.
Artikel 6.6