1 Burgemeester en wethouders beslissen op een door de minister
aan de gemeente toegezonden aanvraag als bedoeld in artikel XI,
tweede lid van de wet.
2 Indien de door het bevoegd gezag verstrekte gegevens in het
kader van de in eerste aanleg bij de minister ingediende
aanvraag onvolledig zijn, delen burgemeester en wethouders dit
binnen twee weken na inwerkingtreding van het bepaalde in dit
hoofdstuk mee aan het bevoegd gezag. Het bevoegd gezag heeft de
gelegenheid de ontbrekende gegevens binnen twee weken na
ontvangst van deze mededeling in te dienen bij burgemeester en
wethouders.
3 Bij de beslissing over de aanvraag nemen burgemeester en
wethouders het bepaalde in de artikelen 21 en 22 in acht, met
dien verstande dat de in artikel 21 genoemde termijn van vier
weken aanvangt na inwerkingtreding van het bepaalde in dit
hoofdstuk.
4 Bij de uitvoering van een beslissing waarbij de voorziening
voor vergoeding in aanmerking is gebracht, handelen burgemeester
en wethouders overeenkomstig het bepaalde in artikel 23 en 24.
Afdeling 1 › Hoofdstuk 8 › Paragraaf 8.3
Artikel 43
Afhandeling van door de minister toegezonden aanvragen van voor blijvend gebruik bestemde voorzieningen in de huisvesting wegens bijzondere omstandigheden (voortgezet) speciaal onderwijs
Onderdeel van Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs