Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 2.

Artikel 8.

Beëindiging leefgeld

Onderdeel van BELEIDSREGELS OPVANG ONTHEEMDEN OEKRAÏNE GEMEENTE VEENENDAAL 2024

Het recht op leefgeld wordt beëindigd als de belanghebbende inkomsten uit arbeid in loondienst of als zelfstandige in Nederland of in een ander land heeft; een loondervingsuitkering of een toeslag op grond van de Toeslagenwet ontvangt; gedurende twee weken niet heeft voldaan aan verzoeken van of namens het college om informatie te verstrekken over zijn inkomsten en gezinssamenstelling; inkomsten verborgen heeft gehouden en daardoor ten onrechte van de verstrekkingen gebruik heeft gemaakt; geen gebruik meer maakt van opvang omdat opvang (of onderdak) elders is voorzien; de opvang definitief verlaat of langer dan 28 dagen per kalenderjaar niet in de opvang is verschenen zonder het college hiervan op de hoogte te stellen; Als de in het eerste lid bedoelde belanghebbende meerderjarig is en deel uitmaakt van een gezin, dan eindigt het recht op leefgeld van het gehele gezin. Als de in het eerste lid bedoelde belanghebbende minderjarig is, dan eindigt uitsluitend het recht op leefgeld van die minderjarige. Als één belanghebbende vertrekt of enkele belanghebbenden van het gezin vertrekken of langer dan 28 dagen niet in de opvangvoorziening is/zijn verschenen, wordt de hoogte van het leefgeld aangepast naar de situatie van het gezin dat nog wel in de opvangvoorziening verblijft. De beëindiging gaat in vanaf de eerste dag van de maand volgend op de maand waarin van één of meer van de bovengenoemde omstandigheden is gebleken.

Rechtspraak bij dit artikel