Naar hoofdinhoud

Afdeling 1 › Hoofdstuk 1

Artikel 9

Artikel 9

Onderdeel van Spaarloonregeling

1. Indien de deelneming aan de spaarloonregeling eindigt wegens beëindiging van het dienstverband tussen de werkgever en de deelnemer door het overlijden van de deelnemer, zal de speciale spaarrekening worden opgeheven.Aan diens rechtverkrijgende(n) zal goedkeuring worden verleend tot het opnemen van het op de speciale spaarrekening uitstaande spaarloon, onverminderd het bepaalde in lid 2 van dit artikel. Indien de deelneming aan de spaarloonregeling eindigt wegens beëindiging van het dienstverband tussen de werkgever en de deelnemer om andere redenen dan het overlijden van de deelnemer, zal de speciale spaarrekening worden aangehouden.Het bepaalde in dit reglement blijft voor zover van toepassing onverminderd van kracht. 2. Indien het spaarloon door de deelnemer of diens rechtverkrijgende(n) is opgenomen bij beëindiging van het dienstverband, daaronder begrepen het overlijden van de deelnemer, wordt voor de toepassing van de Wet op de loonbelasting 1964 en de Coördinatiewet Sociale Verzekering voor elke volle maand gedurende welke het spaarloon binnen een termijn van 4 jaren is opgenomen een evenredig deel van het spaarloon aangemerkt als loon, niet zijnde spaarloon.

Rechtspraak bij dit artikel