Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 3.10

Gebruik van walstroom

Onderdeel van Havenbeheersverordening Krimpenerwaard 2025

1.. De schipper die ligplaats neemt is verplicht om voor schepen stroomvoorziening gebruik te maken van de aanwezige walstroomvoorziening 2.. Het schip moet hiertoe zijn uitgerust met de nodige geschikte bekabeling om aan te sluiten op de walstroomkast staande op de steiger. 3.. De in het eerste lid bedoelde verplichting geldt niet bij een verblijf korter dan anderhalf uur. 4.. Op de dag van aankomst aan De Kat moet de schipper zich (bij de havenmeester) op de hoogte stellen of er gedurende het geplande verblijf aan De Kat een ligplaats met een schip aan de Nieuwe Steiger is gereserveerd. 5.. Indien er gedurende het geplande verblijf aan De Kat geen ligplaats met een schip aan de Nieuwe Steiger is gereserveerd, is de schipper verplicht om ligplaats te nemen aan de Nieuwe Steiger. 6.. Er kan een uitzondering op het in artikel 3.11 bepaalde lid 1 gemaakt worden door de havenmeester bij: Een storing aan de walstroomkast Een situatie waarin onvoldoende capaciteit kan worden boden Praktische problemen bij het aansluiten van de kabel op de walstroomkast Is het schip zelfvoorzienend, (bijv; batterij/zonnepanelen) waardoor het schip geen geluidsoverlast veroorzaakt 7.. De havenmeester beslist over een mogelijk tijdelijk gebruik van (fluister)generatoren en (fluister)aggregaten in het geval het bepaalde in lid 6 aan de orde is. 8.. Het college en/of de havenmeester kan van het in het eerste lid gestelde verbod ontheffing of vrijstelling verlenen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel