**1..** In de beschikking op een aanvraag wordt vastgelegd:
tot welk besluit het college is gekomen en welke resultaten worden beoogd
de motivering van het besluit en
op welke wijze bezwaar tegen de beschikking kan worden gemaakt.
**2..** Indien de beschikking een besluit tot het geheel of gedeeltelijk verstrekken van de aangevraagde voorziening(en) betreft wordt in ieder geval benoemd of de voorziening in natura of als pgb wordt verstrekt.
**3..** Het perspectiefplan wordt in de beschikking expliciet benoemd als integraal onderdeel van de beschikking.
**4..** Bij het verstrekken van een individuele voorziening in natura wordt in de beschikking in ieder geval vastgelegd:
welke de te verstrekken individuele voorziening is en wat het beoogde resultaat daarvan is;
wat de ingangsdatum en duur van de individuele voorziening is, tenzij het om een hersteltraject gaat;
hoe de voorziening wordt verstrekt en, indien van toepassing,
welke andere voorzieningen relevant zijn of kunnen zijn.
**5..** Bij het verstrekken van een individuele voorziening in de vorm van een pgb wordt in de beschikking in ieder geval vastgelegd:
voor welk resultaat het pgb is bedoeld;
welke kwaliteitseisen gelden voor de ingekochte jeugdhulp vanuit het pgb;
wat de hoogte van het pgb is en hoe hiertoe is gekomen;
wat de geldigheidsduur is van de verstrekking waarvoor het pgb is bedoeld, en
de wijze van verantwoording van de besteding van het pgb.
**6..** In aanvulling op het gestelde in het vierde lid onderdeel b, wordt de beschikking opnieuw van kracht wanneer een jeugdige en/of zijn ouders zich binnen vier maanden na een volgens plan beëindigd jeugdhulptraject dat gericht was op herstel, opnieuw met dezelfde hulpvraag bij de jeugdhulpaanbieder melden.
**7..** De beschikking vervalt wanneer de jeugdhulpaanbieder niet binnen zes maanden na het afgeven van de beschikking is gestart met de zorg.
**8..** De beschikking wordt genomen:
indien er overeenstemming is tussen het wijkteam en de jeugdige en/of zijn ouders over de in te zetten individuele voorziening, direct na de ondertekening van het perspectiefplan door jeugdige en/of ouders;
indien er geen overeenstemming is tussen het wijkteam en de jeugdige en/of zijn ouders over de in te zetten specialistische of hoog-specialistische jeugdhulp - er is dan sprake van een afwijzing - binnen vijf werkdagen na ontvangst van het eenzijdig door de jeugdige en/of zijn ouders ondertekende perspectiefplan;
**9..** Het college kan periodiek onderzoeken of er aanleiding is een besluit te heroverwegen en kan hieromtrent nadere regels stellen.
Hoofdstuk 5.
Artikel 13.
Inhoud en geldigheidsduur van de beschikking
Onderdeel van Verordening Jeugdhulp gemeente Opmeer 2025