Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 52

Initiatiefvoorstel

Onderdeel van Reglement van Orde gemeente Schiedam

1.. Een initiatiefvoorstel moet, om in behandeling te kunnen worden genomen, schriftelijk bij de voorzitter worden ingediend. De voorzitter brengt een ingediend voorstel zo spoedig mogelijk ter kennis van het college. 2.. Het college kan, binnen vier weken nadat het is geïnformeerd over een initiatiefvoorstel, schriftelijk wensen en bedenkingen met betrekking tot dit voorstel aan de raad voorleggen. 3.. Een voorstel wordt op de agenda op de eerstvolgende Raadscommissie- en raadsvergadering geplaatst, tenzij: het college nog geen schriftelijke wensen of bedenkingen ter kennis van de raad heeft gebracht en de in lid 2 genoemde termijn nog niet is verstreken; de schriftelijke oproep voor de eerstvolgende raadscommissie- en raadsvergadering verzonden is. In dat geval wordt het voorstel op de agenda van de daaropvolgende raadscommissie- en raadsvergadering geplaatst. 4.. De behandeling van het voorstel vindt plaats nadat alle op de agenda voorkomende voorstellen en onderwerpen zijn behandeld, tenzij de commissie of de raad oordeelt dat het voorstel met het oog op de orde van de vergadering tezamen met een ander geagendeerd voorstel of onderwerp dient te worden behandeld. 5.. De raad kan voorwaarden stellen aan de indiening en behandeling van een voorstel, niet zijnde een voorstel voor een verordening. 6.. Op een initiatiefvoorstel tot opheffing van de verplichting tot geheimhouding op grond van artikel 89 lid 3 en lid 4 van de Gemeentewet zijn bepalingen in dit artikel niet van toepassing, met dien verstande dat: bij het vaststellen van de agenda het onderwerp is toegevoegd aan de agenda; en het college uiterlijk ter vergadering in de gelegenheid is gesteld zijn wensen en bedenkingen ter kennis van de raad te brengen ten aanzien van het opheffen van de geheimhoudingsplicht.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel