Het college mag een maatwerkvoorziening weigeren als de inwoner een aanspraak heeft op zorg vanuit de Wet langdurige zorg. Het is zelfs mogelijk te weigeren als er redenen zijn om aan te nemen dat de inwoner daarop aanspraak kan maken, maar niet mee wil werken aan het verkrijgen van een besluit vanuit de Wlz (artikel 2.3.5 lid 6 van de wet).
Er moet echter wel altijd onderzocht worden of sprake is van een ondersteuningsbehoefte van de inwoner die niet door de Wlz wordt gedekt. Als duidelijk is dat de gevraagde ondersteuning volledig ondervangen wordt door de Wlz kan een summier onderzoek volstaan (bijvoorbeeld voor huishoudelijke hulp). Alleen wanneer op voorhand niet te zeggen is of de gevraagde ondersteuning volledig onder de Wlz valt, moet diepgaander onderzoek gedaan worden. De Wmo-voorziening loopt door tot 5 dagen nadat een Wlz-indicatie is gesteld, zodat er geen gat valt in de ondersteuning.
HOOFDSTUK 2
Artikel 2.9
Verblijfsindicatie op grond van de Wet langdurige zorg (Wlz)
Onderdeel van Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning gemeente Voorst 2025