Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3.

Artikel 3.1

Regels voor participatie bij de kerninstrumenten van de Omgevingswet

Onderdeel van Beleidskader participatie Omgevingswet Duiven 2024

De Omgevingswet stimuleert vroegtijdige participatie bij elk kerninstrument. Maar welke eisen gelden er dan voor het participatietraject? En wie is er verantwoordelijk voor? Onderstaande tabel geeft een handig overzicht van wie bij welk instrument verantwoordelijk is en waar dat staat: Tabel met overzicht van de regels voor participatie per instrument. Achtergrondinformatie per instrument via de linkjes in de tabel (ctrl enter). Instrument Regels Wie is verantwoordelijk voor het naleven van de participatieregels? Waar staat het? Omgevingsvisie Motiveringsplicht Bevoegd gezag: gemeente Omgevingsbesluit (art. 10.7) Programma Motiveringsplicht Bevoegd gezag: gemeente Omgevingsbesluit (art. 10.8) Omgevingsplan Kennisgeving en motiveringsplicht Bevoegd gezag: gemeente Omgevingsbesluit (art. 10.2, eerste lid) Omgevingsbesluit (art. 10.2, tweede lid) Omgevingsvergunning De initiatiefnemer moet aangeven of en zo ja, hoe hij aan participatie heeft gedaan. En wat de resultaten daarvan zijn. Het bevoegd gezag betrekt deze informatie bij de integrale belangenafweging. De raad heeft gevallen en situaties van buitenplanse activiteiten (BOPA’s) aangewezen waarbij participatie sowieso verplicht is. De manier waarop de participatie wordt gedaan, bepaalt de initiatiefnemer zelf. Initiatiefnemer Omgevingswet (art. 16.55) De aanvraagvereisten zijn uitgewerkt in de Omgevingsregeling.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel