Naar hoofdinhoud

Artikel 9a.

Het bestrijden van voortijdig schoolverlaten en het volgen van jongeren in een kwetsbare positie

Onderdeel van Instructie voor de leerplichtambtenaar en doorstoomcoach

Sinds 1 januari 2017 heeft het college de taak om de doelgroep jongeren in een kwetsbare positie te volgen. Deze taak is bij het Doorstroompunt belegd. Per 1 januari 2019 is deze taak wettelijk verankerd. De Doorstroompunt regio’s hebben samen met partners de verantwoordelijkheid om een sluitend vangnet te bieden voor jongeren in een kwetsbare positie met als doel maatschappelijke uitval te voorkomen. De rol is het monitoren (in beeld hebben en houden) van deze jongeren en de juiste partijen betrekken bij het begeleiden van deze jongeren naar school, arbeid of (tijdelijke) zorg. Om dit te doen wordt jaarlijks van DUO een gegevens set ontvangen van jongeren die een kwetsbare overstap maken (pro-vso naar vervolgonderwijs en/of arbeid, vmbo-b jongeren die overstap maken naar het mbo, overstappers mbo entree naar niveau 2 en/of arbeid). De administratief medewerker haalt vanuit Register Onderwijsdeelnemers van DUO jaarlijks in februari (voorlopige cijfers) en november (definitieve cijfers) de startset “namen en rugnummers” en de startset “startpopulatie” op. De administratief medewerker ontvangt jaarlijks vanuit Register Onderwijsdeelnemers van DUO in november de startset van jongeren in een kwetsbare positie (jikp). Deze sets worden gebruikt voor rapportage-doeleinden. De volgende stappen gelden zowel voor jongeren die van school/onderwijsinstelling worden uitgeschreven, zonder startkwalificatie en die vallen onder de omschrijving voortijdig schoolverlater (vsv), als voor de jikp-er. Zodra een jongere (jikp of vsv) is uitgeschreven van een school of instelling en geen startkwalificatie heeft, komt de jongere als voortijdig schoolverlater in de leerlingenadministratie. De administratief medewerker verdeelt de vsv-ers en jikp-ers onder de doorstroomcoaches. De doorstroomcoach raadpleegt SUWInet om vast te stellen of de jongere een inkomen geniet. De doorstroomcoach bekijkt in de leerlingenadministratie of er relevante informatie bekend is over de jongere en neemt indien nodig contact op met de laatst bezochte school. Op basis van alle verzamelde informatie bepaalt de doorstroomcoach of hij de jongere actief benadert (telefonisch of via de mail). De jongere krijgt een begeleidingstraject aangeboden richting onderwijs, werk of een combinatie van beiden. Indien het niet mogelijk is om met de jongere in contact te komen wordt de jongeren schriftelijk benaderd. Indien de jongere ook niet reageert op de schriftelijke contactpogingen legt de leerplichtambtenaar/doorstroomcoach een huisbezoek af. Indien de jongere wel reageert op de contactpogingen maar aangeeft geen ondersteuning van het Doorstroompunt te willen, sluit de doorstoomcoach het traject af. Zolang de jongere geen startkwalificatie heeft blijft de doorstoomcoach de jongere volgen. De jongere blijft in beeld bij het Doorstroompunt. Afhankelijk van zijn of haar dagbesteding wordt de jongeren 1 tot maximaal 6 maal per jaar benaderd. Indien de jongere wel reageert op de contactpogingen en aangeeft ondersteuning van het Doorstroompunt te willen ontvangen, volgt er een intakegesprek met de doorstroomcoach. Afhankelijk van de behoefte van de jongeren kan er daarna een begeleidingstraject worden gestart. Zolang de jongere geen startkwalificatie heeft blijft de doorstoomcoach de jongere volgen tot de leeftijd van 23 jaar. Afhankelijk van zijn of haar dagbesteding wordt de jongeren 1 tot maximaal 6 maal per jaar benaderd.

Rechtspraak bij dit artikel