**1..** In deze beleidsregel wordt verstaan onder:
APV: de geldende Algemene Plaatselijke Verordening van de gemeente Asten;
Awb: de Algemene Wet bestuursrecht;
Bibob-onderzoek: de wijze waarop de gemeente Asten in beginsel toepassing geeft aan artikel 7a van de Wet Bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur, waarbij onderzoek wordt gedaan naar feiten en omstandigheden als bedoeld in artikel 3, eerste tot en met zesde lid, en artikel 9, tweede en derde lid van de Wet Bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur;
Bibob-vragenformulier: een formulier gebaseerd op de regeling als bedoeld in artikel 7a vijfde lid van de Wet Bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur;
bouwactiviteit: een bouwactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, onder a, van de Omgevingswet;
gemeente: gemeente Asten;
LBB: Landelijk Bureau Bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur, zoals bedoeld in artikel 8 van de Wet Bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur;
milieubelastende activiteit: een milieubelastende activiteit als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, onder b, van de Omgevingswet;
omgevingsplanactiviteit: een omgevingsplanactiviteit als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, onder a, van de Omgevingswet;
overheidsinstanties: rechtspersonen die krachtens publiekrecht zijn ingesteld;
RIEC (Regionaal Informatie- en Expertisecentrum): het regionaal samenwerkingsverband zoals bedoeld in artikel 28, tweede lid, onder d van de Wet Bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur;
toegelaten woningcorporatie: woningcorporatie die is toegelaten door de minister van Volkshuisvesting conform artikel 19 van de Woningwet middels een daartoe verleende vergunning.
Wet Bibob: Wet Bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur.
**2..** In aanvulling op het eerste lid zijn de definities in paragraaf 1.1 van de Wet Bibob overeenkomstig van toepassing op deze beleidsregel.
**3..** Waar in deze beleidsregel “de gemeente” wordt genoemd, wordt hiermee zowel het bestuursorgaan (de burgemeester of het college van burgemeester en wethouders) als de rechtspersoon met een overheidstaak bedoeld, ieder voor zover het hun bevoegdheid betreft.