Om ervoor te zorgen dat vergunningverlening bij deze grote transities daadwerkelijk een bijdrage kan leveren aan een veilige, g4ezonde en duurzame leefomgeving onder de nieuwe Omgevingswet is een aantal doelen voor de komende 4 jaar gesteld. De Omgevingswet heeft 3 principes die daarbij van belang zijn:
Het initiatief staat centraal: van “nee, tenzij”, naar “ja, mits”.
Dit gaat dus niet over versoepelen van regels voorschriften en grenswaarden blijven ‘beleidsneutraal'. Dit principe gaat over een andere werkwijze (hoe doen we de dingen). De Omgevingswet vraagt een open houding voor initiatieven (competenties van vergunningverlener) en het kunnen combineren van belangen (samenwerken en zo mogelijk toevoegen van beleidsbelangen). Het is aan de ODZOB om te zorgen voor behandelaars met de juiste competenties. Bij een gemeentelijke casemanager dient de betreffende gemeente hiervoor te zorgen.
De initiatiefnemer heeft een (grotere) eigen verantwoordelijkheid.
De zorg voor milieu en veiligheid is primair een verantwoordelijkheid van bedrijven en instellingen. Dat geldt ook voor het tijdig en volledig melden of aanvragen van activiteiten. De ODZOB ziet toe of de initiatiefnemer zijn verantwoordelijkheid voldoende oppakt en onderneemt acties op basis van wettelijke voorschriften, geschat risico en bestuurlijke prioriteit. Vanuit onze visie/missie hanteren we in de omgang met initiatiefnemers voor een zakelijke stijl: “een zakelijke uitvoering van de publieke taak met als vertrekpunt de behartiging van de te beschermen omgevingsbelangen”.
De initiatiefnemer betrekt de burger(beter): participatie bij besluitvorming.
De omgeving vroeg bij een project betrekken, vergroot het draagvlak en voorkomt vaak bezwaren in een later stadium. Participatie is het inwinnen van meningen over het voorgenomen project. De initiatiefnemer moet bij het aanvragen van een omgevingsvergunning aangeven of hij aan participatie heeft gedaan en wat de resultaten zijn (op basis art 7.4 van de Omgevingsregeling).
De beoordeling of de initiatiefnemer voldoende aan participatie heeft gedaan, is aan het bevoegd gezag en hangt af van de situatie (risico's zoals klachten, grote impact, bezorgde burgers etc.). De concrete invulling van gemeenten en de samenwerking met de ODZOB op dit onderwerp moeten nog ingevuld worden na ingang van de Omgevingswet.
Hoofdstuk 3
Artikel 3.1
Veranderingen die voortvloeien uit de Omgevingswet
Onderdeel van Regionaal operationeel kader milieutoezicht en handhaving 2025-2028