(artikelen 2, lid 1, 4a, 21, 21a en 22 Leerplichtwet)
De meldingen van schoolverzuim worden ontvangen door de administratief medewerker. Verzuim van jongeren die onderwijs volgen aan het voortgezet onderwijs, het middelbaar beroepsonderwijs, het primair onderwijs en het (voortgezet) speciaal onderwijs wordt gemeld via het verzuimloket DUO in het Register Onderwijsdeelnemers. Verzuim van jongeren die onderwijs volgen aan een instelling voor niet-bekostigd onderwijs die nog niet is aangesloten op het Register Onderwijsdeelnemers wordt gemeld middels een kennisgeving (vermoedelijk) ongeoorloofd schoolverzuim. Er wordt een leerlingdossier aangemaakt, of de kennisgeving wordt toegevoegd in het reeds aanwezige leerlingdossier.
Binnen een week meldt de administratief medewerker of de leerplichtambtenaar via de verzuimmelding in het DUO Register Onderwijsdeelnemers, welke acties er naar aanleiding van de kennisgeving worden ondernomen. Voor jongeren die onderwijs volgen aan een instelling voor niet-bekostigd onderwijs meldt de administratief medewerker of de leerplichtambtenaar binnen een week aan de instelling welke acties er naar aanleiding van de kennisgeving worden ondernomen. Indien de kennisgeving niet door de directeur is gedaan, neemt de administratief medewerker of de leerplichtambtenaar binnen vijf werkdagen contact op met de betrokken medewerker.
Na ontvangst van een melding of kennisgeving nodigt de leerplichtambtenaar ouders binnen vijf werkdagen uit voor een gesprek. Indien het verzuim een jongere van 12 jaar of ouder betreft, nodigt de leerplichtambtenaar ook de jongere zelf uit.
De leerplichtambtenaar heeft een gesprek met de ouders en/of de leerling en stelt hen in de gelegenheid nadere uitleg over het gemelde verzuim te geven. Daarnaast informeert de leerplichtambtenaar hen over de procedures en de eventuele consequenties. De leerplichtambtenaar maakt een verslag van het gesprek en verstrekt aan de ouders en/of de jongere op hun verzoek een kopie van dit verslag. De gemaakte gespreksverslagen worden opgenomen in het leerlingdossier.
De leerplichtambtenaar onderhoudt zo vaak als nodig contact met de ouders/jongere en betrokken organisaties om de ongeoorloofde verzuimsituatie zo spoedig mogelijk te beëindigen.
De leerplichtambtenaar draagt zorg voor terugkoppeling in het ZorgAdviesTeam (ZAT) van de school of binnen het MultiDisciplinair Overleg (MDO). Hierin benoemt hij/zij zijn/haar handelwijze, vorderingen in het onderzoek naar het vermeende verzuim of afspraken met de jongere, voor zover deze bekend zijn bij hem/haar en alleen wanneer de jongere al in het ZAT/MDO besproken/gesproken is.
De leerplichtambtenaar legt een huisbezoek af wanneer hij/zij dat nodig acht.
De consulent van het samenwerkingsverband kan een bemiddelende rol vervullen ten behoeve van de jongere en de ouders bij het zoeken naar een andere school of een zo goed mogelijk passende leerroute, zo mogelijk in overleg met de leerplichtambtenaar.
De leerplichtambtenaar draagt er zorg voor dat een kennisgeving van verzuim binnen een zo kort mogelijke periode wordt afgehandeld. De hoogste prioriteit ligt bij het beëindigen van de verzuimsituatie. Ter afronding van de afhandeling bericht de leerplichtambtenaar in ieder geval degene die de kennisgeving heeft gedaan, de ouders en, wanneer het een jongere van 12 jaar of ouder betreft, ook aan de jongere zelf. De leerplichtambtenaar kan mededeling doen van de afhandeling aan anderen die bij de verzuimsituatie zijn betrokken. Voor een inhoudelijke teugkoppeling dient er toestemming te zijn verleend door de ouders of de leerling vanaf 16 jaar. De leerplichtambtenaar sluit de melding af bij het verzuimloket van DUO in het Register Onderwijsdeelnemers.
De leerplichtambtenaar is bevoegd, conform de MAS, het opmaken van een proces verbaal achterwege te laten en ouders en/of jongere een schriftelijke waarschuwing te geven indien sprake is van:
verwijtbaar handelen of nalaten, doch geen kennelijke opzet tot het plegen van een overtreding; en
een eerste overtreding waarbij sprake is van zorg; en
verzuim van lichte aard (overig verzuim), namelijk minder dan 16 uur in vier aaneengesloten weken.
Blijkt uit het onderzoek als bedoeld in het derde lid dat geen sprake is van vrijstelling, en blijkt dat sprake is van verwijtbaar handelen of nalaten van de ouders en/of de jongere die de leeftijd van 16 jaar heeft bereikt, dan kan de leerplichtambtenaar een melding doen bij de Sociale Verzekeringsbank zoals omschreven staat in artikel 17 van deze instructie. Indien de leerplichtambtenaar voornemens is om een melding bij de Sociale Verzekeringsbank te doen, dan roept hij/zij ouders en jongere vanaf 16 jaar op voor een gesprek, waarbij hij/zij betrokkenen uitdrukkelijk kenbaar maakt dat hij/zij voornemens is een melding te doen bij de Sociale Verzekeringsbank.
Blijkt uit het onderzoek als bedoeld in het derde lid dat er geen sprake is van vrijstelling, en blijkt dat sprake is van verwijtbaar handelen of nalaten van de jongere die tevens voldoet aan de criteria voor verwijzing naar Halt, dan kan de leerplichtambtenaar besluiten tot een dergelijke verwijzing. Indien de leerplichtambtenaar die tevens bevoegd is als buitengewoon opsporingsambtenaar besloten heeft over te gaan tot Haltverwijzing, dan roept hij/zij ouders en jongere vanaf 12 jaar op voor een verhoor, waarin hij/zij toestemming vraagt aan ouders (voor jongeren tot 16 jaar) en jongere om door te verwijzen naar Halt. Als de ouder(s) en/of de jongere niet instemmen met de Halt-verwijzing, dan maakt de leerplichtambtenaar direct proces-verbaal op.
Er kan in principe één keer een Haltverwijzing worden gemaakt voor een leerplichtovertreding. Alleen in uitzonderlijke gevallen en altijd na overleg met Halt en het OM kan voor een tweede keer een Haltverwijzing worden gedaan.
De leerplichtambtenaar stelt middels een verkort proces-verbaal een Haltverwijzing op. De jongere ondertekent de Haltverwijzing en geeft daarmee zijn/haar toestemming. Aan jongere en ouders wordt een brief gestuurd met verwijzing naar Halt. In deze brief staan ook de consequenties beschreven van het niet nakomen van de afspraken. De leerplichtambtenaar stuurt de Haltverwijzing naar Halt. De leerplichtambtenaar licht de school in over de verwijzing en over de afloop van de Haltstraf.
Bij een negatieve afdoening van de Haltstraf maakt de leerplichtambtenaar die tevens bevoegd is als buitgewoon opsporingsambtenaar een proces-verbaal op, nadat er eventueel overleg is geweest met het Openbaar Ministerie.
Blijkt uit het onderzoek als bedoeld in het derde lid dat er geen sprake is van vrijstelling, en blijkt dat sprake kan zijn van verwijtbaar handelen of nalaten van de ouders en/of de jongere die de leeftijd van 12 jaar heeft bereikt, en komt deze jongere niet meer in aanmerking voor een verwijzing naar Bureau Halt, dan maakt de leerplichtambtenaar die tevens bevoegd is als buitengewoon opsporingsambtenaar proces-verbaal op van zijn bevindingen en zendt dit naar de officier van justitie. Bij het opmaken van een proces-verbaal tegen de jongere wordt tevens een afschrift gezonden aan de Raad voor de Kinderbescherming. Indien hij/zij voornemens is proces-verbaal op te maken, roept de leerplichtambtenaar de ouders en de jongere van 12 jaar of ouder op voor een verhoor, waarbij hij/zij de betrokkenen uitdrukkelijk kenbaar maakt dat hij/zij voornemens is een proces-verbaal op te maken. Het opmaken van een proces-verbaal en een melding doen bij de Sociale Verzekeringsbank (voor leerlingen van 16 of 17 jaar) kan gelijktijdig, maar ook volgend op elkaar plaatsvinden.
Zodra de leerplichtambtenaar kennis neemt van schoolverzuim waarvan niet door een directeur is kennis gegeven, stelt de leerplichtambtenaar een onderzoek in naar de reden waarom de directeur het verzuim niet heeft gemeld. Blijkt de directeur onwillig of nalatig in het nakomen van deze verplichting, dan kan de leerplichtambtenaar een signaal afgeven bij de Inspectie van het Onderwijs.
De leerplichtambtenaar kan aan de directeur gevraagd of ongevraagd een advies geven over het te voeren beleid met betrekking tot het registreren van verzuim en het doen van kennisgevingen van verzuim, met het oog op het bevorderen van een effectief verzuimbestrijdingsbeleid/aanwezigheidsbeleid en de rechtsgelijkheid. De leerplichtambtenaar kan directeuren verzoeken om eerder een kennisgeving van verzuim in te dienen dan de wet voorschrijft indien dat doelmatig is met het oog op de verzuimbestrijding/het stimuleren van aanwezigheid.
Artikel 6.
Relatief verzuim van leer- en kwalificatieplichtige jongeren
Onderdeel van Instructie voor de leerplichtambtenaar/doorstroomcoach van het Leerplein Zuid-Kennemerland en IJmond