Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4. › Paragraaf 4.1

Artikel 4.1.1

Taakveld Omgevingswet

Onderdeel van Vergunningverlening Uitvoering Programma Teylingen 2025 (VUP 2025)

De werkvoorraad, dat wil zeggen het aantal aanvragen dat wordt ingediend, is gezien het bovenstaande slechts alleen door beleidsmatige keuzes beperkt stuurbaar. Als een aanvrager de noodzaak ziet een vergunningaanvraag in te dienen of een melding te doen, moeten wij deze behandelen conform de geldende wetten/regels en termijnen. Daarbij zijn er factoren die het aantal aanvragen beïnvloeden, zoals conjunctuur en maatschappelijke ontwikkelingen. Maar daar heeft een gemeente geen invloed op. Voor een prognose van de werkvoorraad zijn wij aangewezen op gegevens en tendensen uit het verleden. Deze gegevens zijn uiteraard bekend: Ontvangen aanvragen HLT (WABO) De aantallen in de tabel betreffen zowel aanvragen om een omgevingsvergunning als principeverzoeken. (Van de overige werkzaamheden onder 4.1 worden de aantallen niet bijgehouden.) Het aantal Wabo aanvragen lag in 2023 gemiddeld op het niveau van 2022. Alleen de maand december gaf een grote uitschieter naar boven. De aanleiding hiervan was de toen aanstaande komst van de Omgevingswet en de invoering van de Wkb op 1 januari 2024. Veel aanvragers kozen nog snel voor de vertrouwde regelgeving van de Wabo. Dit was overigens een landelijke tendens. Aktie voor 2025 uit de evaluatie van het VUP 2023: Rekening houden met het aanbod van aanvragen om een Omgevingsvergunning als in 2023. Het is aannemelijk er van uit te gaan dat voor 2025 het aantal aanvragen ongeveer in de lijn van de voorgaande jaren zal liggen. Met name omdat de huidige bestemmingsplannen van rechtswege zijn overgegaan in het Omgevingsplan. Voor bepaalde aanvragen (nieuwe bouwwerken gevolgklasse 1) zal een onafhankelijke kwaliteitsborger de bouwplannen toetsen. De invloed hiervan op het werkaanbod zal vooralsnog zeer beperkt zijn, omdat dit alleen (nieuwbouw)aanvragen betreft welke vallen onder gevolgklasse 1. Voorbeelden van deze bouwwerken in gevolgklasse 1 zijn grondgebonden eengezinswoningen, bedrijfsbebouwing niet hoger dan 2 lagen en eenvoudige fiets- en voetgangersbruggen. Deze bouwwerken worden (alleen bouwtechnisch) getoetst door een gecertificeerde onafhankelijke kwaliteitsborger. Het bevoegd gezag (het college) wordt door de kwaliteitsborger geïnformeerd over het resultaat van de toetsing via een bouwmelding. Na de bouw wordt de gerealiseerde toestand via een gereedmelding aan het bevoegd gezag kenbaar gemaakt. Het bevoegd gezag controleert of de kwaliteitsborging is uitgevoerd volgens de regels en of het bouwwerk naar het oordeel van de kwaliteitsborger voldoet aan de technische regels van het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl). Als dit in orde is, stemt het bevoegd gezag ermee in dat het bouwwerk in gebruik kan worden genomen. Er is een grote diversiteit aan aanvragen mogelijk. Dit varieert tussen beperkt van omvang en invloed (bijvoorbeeld dakkapel) tot complex (bijvoorbeeld groot woongebouw met aanverwante bijeenkomst- en zorgfuncties). Daarnaast zijn er binnen het proces ook grote verschillen mogelijk. Volgt de juridische procedure de kortst mogelijke weg, of wordt er via bezwaar en beroep tot en met de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State doorgeprocedeerd? Dit is in principe voor zowel eenvoudige als complexe plannen mogelijk. Alle mogelijke aanvraagtypen zijn daarom niet uitgesplist en achtereenvolgens voorzien van een urenprognose, omdat de (combinatie van) aantallen, de aanvraagtypologie en het verloop van de procedure niet plan-baar zijn.

Rechtspraak bij dit artikel