De volgende knelpunten op het vlak van klimaatadaptatie hebben raakvlakken met het groenbeleid:
Het wordt natter. Er is sprake van wateroverlast bij woningen en bedrijfsgebouwen op verschillende locaties, maar het meest in de wijk Noordoost. Dit zijn bijvoorbeeld omgeving Raadhuisstraat, Reigerlaan en omgeving Riethalmweg Overal in de gemeente zijn ondergelopen kelders/hoog waterpeil regelmatig een probleem. Het is daarom van belang om in de groenstructuur voldoende ruimte voor groene buffers te verankeren of te zorgen dat (een deel van het) water van de straten in het groen kan aflopen door bijvoorbeeld trottoirbanden te verlagen.
Het wordt warmer. Risico’s zijn hittestress bij kwetsbare groepen en bij evenementen en meer ziekteverwekkers in het water en in de lucht. In Landsmeer is dit voornamelijk een aandachtspunt voor het centrumgebied, het oude dorp en een groot deel van Luijendijk17Een deel van deze wijk is recent aangelegd (Zuiderzeestraat) en de bomen zijn nu nog klein. Wanneer ze groter zijn geworden zullen ze gedeeltelijk de hittestress wegnemen.. Het zorgen voor meer groen (schaduw) op deze locaties is daarom belangrijk. Met name daar waar kwetsbare groepen verblijven en bij parkeervoorzieningen. Op de groenstructuurkaart zijn deze locaties ook benoemd als zijnde te behouden groen of als gewenst groen (zie ook paragraaf 5.3).
Kunnen inspelen op klimaatveranderingen maakt het areaal groen extra waardevol. Inzicht in en bewaken van het te beheren areaal en zorgvuldig omgaan van uitgifte van openbaar groen komen in dit verband dan ook in een ander licht te staan. Bij bijvoorbeeld het afstoten van (snipper)groen zal dus ook moeten worden getoetst op het belang van het betreffende groenperceel voor het opvangen van water of het zorgen voor verkoeling en op landelijke kengetallen, zie paragraaf 2.2.
Hierin ontstaat tegelijkertijd soms een dilemma. Vanuit de duurzaamheidsdoelstellingen voor CO₂-neutrale gemeente in 2030/2050 wordt het aanbrengen van zonnepanelen op daken gestimuleerd. Voor een optimaal rendement is een vrije zoninval van belang. Bomen kunnen deze zoninval op de daken belemmeren en daarmee het rendement verlagen. Tegelijkertijd zorgen bomen voor verkoeling en schaduw wat in warme zomers ook erg welkom is. Toepassen van effectieve maatregelen (grote positieve invloed) heeft de voorkeur, zie hiervoor Brochure Rioned18https://www.riool.net/de-effectiviteit-van-klimaatadaptatiemaatregelen-2019-. Bijvoorbeeld het planten van bomen om hitteschade tegen te gaan of het verminderen van het oppervlak verharding en het zorgen voor ‘verlaging’ in het groen waarmee regenwaterschade kan worden beperkt.
De regel (het is nog geen beleid) is nu dat er geen bomen worden gekapt voor plaatsing of behoud of hoger rendement van zonnepanelen. In de afgelopen 10 jaar wordt bij aanplant van bomen al wel zoveel mogelijk rekening gehouden met (toekomstige) zonnepanelen op daken door te kijken naar de standplaats ten opzichte van de woningen en de grootte van de bomen.
Wat vinden onze inwoners, belangenorganisaties en raadsleden?
Bij plannen (nieuwbouw, vervanging e.d.) altijd een beheertoets laten maken, inclusief de gevolgen voor het beheerbudget, zodat het groen over 10 jaar ook nog te beheren is.
Stimuleer de aanleg van groene daken.
Geef de agrariër ook een functie als ‘landschapsbeheerder’ en laat hen zorgen voor landschappelijk-ecologische inrichting en beheer van de perceelsranden.
Stimuleer behoud van groene tuinen.
Ga enigszins flexibel om met groen (niet in beton gieten) maar stel er wel een goede groencompensatie tegenover.
Stel kwaliteit boven kwantiteit.
Vergroen het centrum (is nu versteend) en onderzoek het vergroenen van de ijsbaan.
Zoek aansluiting bij operatie Steenbreek.