Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3:

Artikel 3.2

Hoe past de gemeente de Wet Bibob toe bij overheidsopdrachten?

Onderdeel van Beleidsregels voor de Wet Bibob gemeente Smallingerland 2025

De gemeente kan een Bibob-onderzoek doen bij overheidsopdrachten zoals bedoeld in de Aanbestedingswet 2012 en bij zorgovereenkomsten vanuit de Jeugdwet en/of de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo). Precontractuele fase De gemeente moet de partijen, die meedoen aan een aanbesteding of die een zorgovereenkomst willen sluiten met de gemeente, laten weten dat het misschien een eigen Bibob-onderzoek doet en/of het Landelijk Bureau Bibob een onderzoek laat doen. De gemeente zet deze informatie in (aanbestedings)documenten. Contractuele fase De gemeente neemt een integriteitsclausule op in de overeenkomst. Daarin zet de gemeente dat het de overeenkomst kan ontbinden als uit een Bibob-onderzoek blijkt dat de uitvoerder van de opdracht niet integer is, zoals bedoeld in artikel 9, lid 2 van de Wet Bibob. De gemeente start een eigen Bibob-onderzoek in de precontractuele fase als: er gerede twijfel is dat de eigen verklaring (het UEA) niet naar waarheid is ingevuld; de gemeente dit nodig vindt door eigen ambtelijke informatie en/of informatie van een van de partners van het samenwerkingsverband RIEC. de gemeente een tip heeft ontvangen van het Landelijk Bureau Bibob, zoals bedoeld in artikel 11 van de Wet Bibob. de gemeente een tip heeft ontvangen van de officier van justitie, of een ander bestuursorgaan dat de Wet Bibob mag uitvoeren, of een rechtspersoon met een overheidstaak die de Wet Bibob mag uitvoeren, zoals bedoeld in artikel 26 van de Wet Bibob. de gemeente informatie of een tip (zie onderdeel b tot en met d) heeft ontvangen over een onderaannemer. Als één of meer van de situaties onder 1 a t/m e voorkomen tijdens het uitvoeren van deopdracht kan de gemeente ook een eigen Bibob-onderzoek starten.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel