Deze nadere regel verstaat onder:
Eigenaar-bewoner: een natuurlijke persoon die eigenaar is van een woning die bestemd is voor permanente bewoning en waarin hij of zij zijn hoofdverblijf heeft, of dit direct na renovatie zal hebben, en die:
voor ten minste 50% eigenaar is van een grondgebonden woning; of
voor ten minste 50% eigenaar is van het appartementsrecht dat recht geeft tot het gebruik van een woning binnen een vereniging van eigenaars (vve); of
voor ten minste 50% eigenaar is van een woning binnen woonvereniging of wooncooperatie
Voor eigenaar-bewoners met een laag inkomen geldt dat zij ook in aanmerking komen indien zij voor minder dan 50% eigenaar zijn van de woning (of minder dan 50% eigenaar zijn van het appartementsrecht dat recht geeft tot het gebruik van een woning binnen een vve).
Eigenaar-bewoners met een laag inkomen: eigenaar-bewoner is in het bezit van een geldige U-Pas.
Energetisch verbeteren; het nemen van één of meer bouwkundige aanpassingen aan een woning zodat de woning energiezuiniger wordt en meer wooncomfort biedt, te weten het plaatsen van isolatieglas, het isoleren van dak, vloer of muur, of een energiezuinig ventilatiesysteem.
Energielabel: een energielabel als bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van het Besluit energieprestatie gebouwen.
Grondgebonden woning: een woning die rechtstreeks toegankelijk is op het straatniveau en waarvan één van de woonlagen aansluit op het maaiveld.
Kleine collectieve woonvorm: woonvereniging of wooncoöperatie die bestaat uit maximaal 7 woningen of een kleine vve van maximaal 7 woningen waarvan minimaal één woning bewoond wordt door eigenaar-bewoner.
Grote collectieve woonvorm: woonvereniging of wooncoöperatie die bestaat uit minimaal 8 woningen of een grote vve van minimaal 8 woningen waarvan minimaal één woning bewoond wordt door eigenaar-bewoner.
Minimale isolatiewaarden maatregelen: de minimale energetische isolatiewaarde van verschillende isolatiemaatregelen zoals omschreven in bijlage 1.
Natuurvriendelijk isoleren: het bij isolatiewerkzaamheden op grond van de Wet natuurbescherming voldoende rekening houden met de aanwezigheid van beschermde diersoorten (zoals huismus, gierzwaluw en vleermuizen) die in woningen nestelen en verblijven.
Slecht geïsoleerde woning: Een slecht geïsoleerde woning zoals beschreven in de rijksregeling SpUK Lokale Aanpak Isolatie artikel 1.1. Bij inwerkingtreding van deze regeling is dit een woning:
met een energielabelklasse D, E, F, G of een met die labelklassen vergelijkbare energetische staat, waaronder wordt verstaan een woning waarin ten minste twee van de volgende bestaande bouwdelen niet of slecht geïsoleerd zijn: a.de vloer en de bodem; b.de gevel, waaronder de spouwmuur; c.het dak en de zoldervloer en vlieringvloer; d.de ramen, panelen in kozijnen en deuren, zoals beschreven in bijlage 1.
in een gebouw van een kleine of grote collectieve woonvorm waarin ten minste twee van de volgende bestaande bouwdelen van het gebouw niet of slecht geïsoleerd zijn: 1°.de vloer en de bodem; 2°.de gevel, waaronder de spouwmuur; 3°.het dak en de zoldervloer en vlieringvloer; 4°.de ramen, panelen in kozijnen en deuren, en waarbij de woning fysiek grenst aan het bouwdeel van het gebouw waaraan ten minste één van de voorgenomen energiebesparende isolatiemaatregelen als bedoeld in artikel 5, eerste lid, worden getroffen;
waaraan eerder energiebesparende isolatiemaatregelen als bedoeld in artikel 5, eerste lid, zijn getroffen op basis van een aan de landelijke SpUk LAI-regeling gelieerde nadere regel en die op enig daaraan voorafgaand moment kwalificeerde als slecht geïsoleerde woning als bedoeld onder i of ii;
Waardering onroerende zaken (WOZ)-waarde: binnen deze regeling geldt de WOZ-waarde die wordt gehanteerd in de landelijke SpUk-regeling Lokale aanpak isolatie Regeling specifieke uitkering Lokale Aanpak Isolatie. Op het moment van ingaan van deze regeling is dat de WOZ waarde op peildatum 1-1-2024. Deze WOZ-waarde is te vinden op www.woz-waardeloket.nl.
Woning: bestaande woongelegenheid als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Woningwet en als zodanig bewoond is geweest alvorens een renovatie plaatsvindt en in de basisregistratie als bedoeld in artikel 2 van de Wet basisregistratie adressen en gebouwen met een woonfunctie is geregistreerd.