Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1

Artikel 1.

Begripsbepalingen

Onderdeel van Verordening speelautomatenhallen Westerwolde 2025

Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder: de wet: de Wet op de kansspelen; Wet Bibob: Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur; speelautomatenhal: een inrichting als bedoeld in artikel 30c, eerste lid, aanhef en onder b, van de wet; behendigheidsautomaat: een automaat als omschreven in artikel 30, aanhef en onder b, van de wet; exploitant: natuurlijk persoon of rechtspersoon die de speelautomatenhal exploiteert; geïnteresseerde: natuurlijke persoon, rechtspersoon of samenwerkingsverband zonder rechtspersoonlijkheid die in aanmerking wil komen voor een schaarse vergunning; bedrijfsleider: natuurlijk persoon die met de algemene leiding in de speelautomatenhal is belast; beheerder: natuurlijk persoon die met het dagelijks toezicht en de onmiddellijke leiding in de speelautomatenhal is belast; speelautomaat: toestel als bedoeld in artikel 30, aanhef en onder a van de wet; kansspelautomaat: speelautomaat als bedoeld in artikel 30, aanhef en onder c, van de wet; exploitatievergunning: de vergunning zoals bedoeld in artikel 2 eerste lid; de raad: de gemeenteraad van Westerwolde; aanwezigheidsvergunning: de vergunning tot het aanwezig hebben van kansspelautomaten zoals bedoeld in artikel 30b, eerste lid van de wet.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel