1. Subsidie die bijdraagt aan de doelstelling genoemd in artikel 2, lid 1 wordt uitsluitend verstrekt aan aanbieders die:
a. het aanbod in het LRK hebben geregistreerd als kinderdagverblijf binnen de gemeente en daarmee voldoen aan de landelijk geldende wet- en regelgeving voor de kinderopvang;
b. het aanbod waarvoor subsidie voor doelgroeppeuters wordt ontvangen met een VE-aanbod hebben
geregistreerd in het LRK als kinderdagverblijf met VE binnen de gemeente en daarmee voldoen aan de
landelijk geldende wet- en regelgeving voor VE;
c. binnen de peuteropvang werken met een kindvolgsysteem;
d. ervoor zorgen dat ouders worden gestimuleerd om hun doelgroeppeuter 16 uren per week gebruik te laten maken van de peuteropvang vanaf de leeftijd van 2 jaar;
e. voorrang geven aan doelgroeppeuters bij de plaatsing van peuters op beschikbaar gekomen peuterplaatsen;
f. peuters die woonachtig zijn in de gemeente voorrang geven bij plaatsing op beschikbaar gekomen
peuterplaatsen;
g. samenwerken met het basisonderwijs zodat een doorgaande (leer)lijn ontstaat;
h. zorgen voor een ‘warme’ overdracht van doelgroeppeuters aan het basisonderwijs, door middel van het
overdrachtsformulier en een overdrachtsgesprek tussen aanbieder, basisschool en ouders;
i. ouders betrekken en ondersteunen bij het stimuleren van de ontwikkeling van hun kinderen in de
thuissituatie;
j. samenwerken met de GGD van de gemeente;
k. meewerken aan het verder ontwikkelen en verbeteren van het aanbod peuteropvang, VE en eventueel
aanverwante onderwerpen;
l. aangesloten zijn bij en deelnemen aan de gemeentelijke overlegstructuur;
m. op verzoek informatie verschaffen aan de gemeente, de Inspectie van het Onderwijs, het Ministerie van
Onderwijs of aan andere door de gemeente aangewezen instanties;
n. geen bestuursrechtelijke handhavingsprocedure hebben lopen voor het kinderopvangaanbod in de
gemeente.
o. minimaal voldoende scoren op de tweejaarlijkse kwaliteitscontrole uitgevoerd door de GGD.
2. Subsidie die bijdraagt aan de doelstelling genoemd in artikel 2, lid 2 wordt uitsluitend verstrekt aan aanvragers die:
a. in staat is vanaf de start van de subsidie aangevraagde activiteiten uit te voeren.
b. in staat is inzicht te geven in de meetbare effecten van de uitgevoerde activiteiten.
c. gekwalificeerd personeel in dienst heeft met kennis en kunde ten aanzien van de activiteiten en de doelgroep
d. activiteiten die passend zijn binnen het onderwijsachterstandenbeleid.
Artikel 3.
Voorwaarden aan de aanvrager
Onderdeel van Subsidieregeling gemeentelijk onderwijsachterstandenbeleid gemeente Halderberge