Naar hoofdinhoud

Artikel 11

Artikel 11

Onderdeel van Parkeerverordening 2025

1.. Het is verboden om enig voorwerp, niet zijnde een motor¬voertuig te plaatsen of te laten staan op een belanghebbendenplaats of een parkeerapparatuurplaats. 2.. Het is verboden gedurende de tijden waarop het parkeren op een belanghebbendenplaats of een autodateplaats slechts aan vergunninghouders is toegestaan aldaar een motorvoertuig te parkeren of geparkeerd te houden: zonder parkeervergunning; in strijd met de aan de parkeervergunning verbonden voorschriften en beperkingen. 3.. Het is verboden een fiets, een bromfiets of enig ander voorwerp op zodanige wijze tegen of bij parkeerapparatuur te plaatsen of te laten staan, dat daardoor een normaal gebruik daarvan wordt belemmerd of verhinderd. 4.. Het is verboden parkeerapparatuur op andere wijze dan voorgeschreven door het college, in werking te stellen. 5.. Het is verboden om de parkeervergunning al dan niet tegen betaling oneigenlijk te (laten) gebruiken, dan wel te (laten) reproduceren. 6.. Het college kan ontheffing verlenen van het bepaalde in het eerste en tweede lid van dit artikel.

Rechtspraak bij dit artikel