Conform de artikelen 2.3.2 en 2.3.5 van de Wmo waarborgt het college een deskundige toeleiding naar, advisering over en bepaling van het inzetten van de aangewezen ondersteuning. Het college heeft daartoe professionals aangesteld in het Sociaal team en in het team Wmo. Deze professionals hanteren op basis van het onderzoek en eventueel persoonlijk plan de volgende afwegingsfactoren, en geven in het verslag & plan van aanpak en de eventuele aanvraag voor een maatwerkvoorziening een onderbouwing aan het college om een andere voorziening, een algemene voorziening of een maatwerkvoorziening te treffen:
Wat kan de cliënt zelf om de behoefte aan maatschappelijke ondersteuning te helpen oplossen?
Wat is gebruikelijke hulp in deze situatie? Voor gebruikelijke hulp wordt geen Wmo maatwerkvoorziening voorziening getroffen.
Wat is noodzakelijke hulp in deze situatie? In hoeverre kunnen huisgenoten dit bieden?
In hoeverre kunnen andere personen in het sociale netwerk/mantelzorgers de noodzakelijke hulp bieden?
Wat kan vanuit andere wetten, algemeen gebruikelijke voorzieningen of algemene voorzieningen bij dragen aan het oplossen van de behoefte aan maatschappelijke ondersteuning?
Welke maatwerkvoorziening is nodig om de behoefte aan maatschappelijke ondersteuning op te lossen?
Daar waar van toepassing hanteren de professionals richtlijnen om de afweging zorgvuldig te maken. Deze richtlijnen kunnen in werkinstructies worden vastgelegd.
HOOFDSTUK 2.
Artikel 9:
Afwegingskader
Onderdeel van Nadere regels maatschappelijke ondersteuning Soest 2025