Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 13

Artikel 13.2:

Sportvoorzieningen

Onderdeel van Besluit Maatschappelijke Ondersteuning 2025

1.. Een sportvoorziening kan verstrekt worden indien: De cliënt gebruik heeft gemaakt van de mogelijkheid om bij de gehandicaptensportvereniging een voorziening te lenen (indien mogelijk) om te bezien of hij daadwerkelijk de sport gaat beoefenen; De cliënt aantoonbaar lid is van een sportvereniging waar de maatwerkvoorziening voor nodig is; 2.. Een sportvoorziening wordt verstrekt in de vorm van een financiële tegemoetkoming op grond van de kostprijs. 3.. De kostprijs van de sportvoorziening wordt vastgesteld op basis van een tweetal door de gemeente goedgekeurde offerte. 4.. De financiële tegemoetkoming is bedoeld voor aanschaf en onderhoud gedurende een periode van 3 jaar. 5.. Als na 3 jaar de voorziening nog in alle redelijkheid bruikbaar is, wordt er geen nieuwe maatwerkvoorziening verstrekt. Vervanging na 3 jaar geschiedt alleen na een technisch afkeuringsrapport. 6.. Voor een sportvoorzienig zijn de volgende voorwaarden van toepassing: Indien de cliënt geen gebruik meer kan maken van de voorziening binnen 3 jaren dan gaat het college over tot herziening/intrekking. Bij de vaststelling van de hoogte van het terug te vorderen bedrag wordt de beginwaarde van de maatwerkvoorziening gerelateerd aan een reële lineaire afschrijvingsduur. Indien de cliënt geen gebruik meer kan maken van de voorziening binnen 3 jaar kan het voorschot voor onderhoud, reparatie en verzekering teruggevorderd worden door de gemeente, waarbij rekening wordt gehouden met de tijd tussen verstrekking en gebruik. 7.. De sportvoorziening mag enkel door de cliënt worden gebruikt.

Rechtspraak bij dit artikel