** 1. .** Deze verordening ziet uitsluitend op participatie wanneer een bestuursorgaan een beleidsvoornemen, beleid of projecten gaat voorbereiden, uitvoeren of evalueren.
** 2. .** Het bestuursorgaan kan deugdelijk gemotiveerd besluiten van deze verordening af te wijken wanneer er sprake is van:
andere wet- of regelgeving die in participatie voorziet of participatie uitsluit;
ondergeschikte herzieningen van een eerder vastgesteld beleidsvoornemen;
hogere regelgeving waarbij het bestuursorgaan geen of nauwelijks beleidsvrijheid heeft;
de begroting, de tarieven voor gemeentelijke dienstverlening en belastingen;
voorgenomen benoemings- en aanstellingsbesluiten.
Het bestuursorgaan dient die motivering aan de raad en belanghebbenden te communiceren en daarbij ook aan te geven of en zo ja op welke deelaspecten van het besluit, bijvoorbeeld randvoorwaarden of het proces, de participatieverordening wel van toepassing wordt geacht.
** 3. .** Het bestuursorgaan kan gemotiveerd besluiten van deze verordening af te wijken. Het bestuursorgaan dient die motivering vóór besluitvorming aan de raad en belanghebbenden te communiceren en daarbij aan te geven waarom er wordt afgeweken, van welke onderdelen en of en zo ja op welke deelaspecten van het besluit, bijvoorbeeld randvoorwaarden of het proces, de verordening van toepassing blijft.
Hoofdstuk 2
Artikel 2.3
Reikwijdte verordening
Onderdeel van Inspraak- en Participatieverordening Den Haag 2024