Voor bomencompensatie d.m.v. herplant worden de volgende stappen doorlopen:
Stap 1: maak een overzicht van de te vellen bomen met daarin per boom:
de soort (wetenschappelijke naam);
de leeftijd;
de leeftijd afgerond op 5 jaar;
de kenmerken: groeisnelheid, grootte- en breedteklasse. De kenmerken van de verschillende boomsoorten zijn op te zoeken in Bijlage 2;
het BKV op de leeftijd afgerond op 5 jaar. Raadpleeg hiervoor de tabellen in Bijlage 1. Het BKV is gerelateerd aan de kenmerken van de boomsoort en de leeftijd.
Stap 2: bepaal de gemiddelde leeftijd van de te vellen bomen (alle bomen tezamen), rond de gemiddelde leeftijd af op 5 jaar en bepaal het totale BKV van de te vellen bomen. Voeg deze zaken toe aan het overzicht van stap 1.
Stap 3: bepaal het te behalen BKV. Het te behalen BKV wordt bepaald door het totale BKV van de te vellen bomen op te hogen met 10%. Dit is het BKV dat (minimaal) behaald moet zijn op het moment dat de herplantbomen dezelfde leeftijd hebben bereikt als de gemiddelde leeftijd van de te vellen bomen (alle bomen tezamen), afgerond op 5 jaar.
Stap 4: maak een overzicht van de herplantbomen met daarin per boom:
de soort (wetenschappelijke naam);
de kenmerken: groeisnelheid, grootte- en breedteklasse. De kenmerken van de verschillende boomsoorten zijn op te zoeken in Bijlage 2;
het BKV op het moment dat de herplantbomen dezelfde leeftijd hebben bereikt als de gemiddelde leeftijd van de te vellen bomen, afgerond op 5 jaar. Raadpleeg hiervoor de tabellen in Bijlage 1. Het BKV is gerelateerd aan de kenmerken van de boomsoort en de leeftijd.
Stap 5: bepaal het totale BKV van de herplantbomen, op het moment dat ze dezelfde leeftijd hebben bereikt als de gemiddelde leeftijd van de te vellen bomen, afgerond op 5 jaar. Voeg dit toe aan het overzicht van stap 4.
Stap 6: controleer of het totale BKV van de herplantbomen (het resultaat van stap 5) gelijk of meer is dan het te behalen BKV (het resultaat van stap 3). Als dat zo is, dan wordt voldaan aan de bomencompensatieplicht.
Als niet wordt voldaan aan de bomencompensatieplicht dan moeten voor de herplant andere keuzes worden gemaakt. De stappen 1 t/m 6 dienen herhaald te worden totdat uit stap 6 blijkt dat wordt voldaan aan de bomencompensatieplicht.
Een voorbeeldberekening is opgenomen in Bijlage 3.
Aanvullend gelden voor bomencompensatie d.m.v. herplant de volgende regels:
Uitzonderingen op het BKV kunnen worden gemaakt voor bomen met een sterk afwijkende verschijningsvorm bijv. door kandelaberen of knotten. Of als bomen veel groter (dan het boomkroonvolume volgens de tabellen in Bijlage 1) zijn doordat de lokale groeiomstandigheden zeer gunstig zijn;
Bij afwijkende waarden in de tabellen van Bijlage 1 en 2 ten opzichte van de Boommonitor, is de Boommonitor leidend;
Voor de herplantbomen dient een duurzame groeiplaatsinrichting te worden gerealiseerd;
Voor het bepalen van de benodigde duurzame groeiplaatsinrichting (kwaliteit en m3) voor de herplantbomen is de Boommonitor leidend, waarbij het ambitieniveau voor de doorwortelbare ruimte ‘redelijk’ als ondergrens geldt;
Voor regulier groeiende boomsoorten (o.a. eik, linde, beuk) moet een groeiplaats voor een omlooptijd van ten minste 60 jaar worden gerealiseerd en voor snelgroeiende boomsoorten (o.a. populier, wilg) een groeiplaats voor een omlooptijd van ten minste 45 jaar. In (smalle) woonstraten moet de aanplant van snelgroeiende boomsoorten beperkt worden;
Alleen bij uitzondering kan voor het bepalen van de duurzame groeiplaatsinrichting worden afgeweken van de Boommonitor mits door een persoon in het bezit van een ETT (European Tree Technician) certificaat wordt aangetoond dat sprake is van een duurzame groeiplaatsinrichting voor de beoogde omlooptijd;
Voor de herplantbomen geldt een nazorgtermijn van 3 jaar. Onder nazorg wordt verstaan: voldoende water geven, begeleidingssnoei en het vervangen van de boom wanneer deze dood gaat. Ook als de boom van dusdanig slechte kwaliteit is geworden, dat de beoogde vorm en omvang niet meer kunnen ontstaan, moet de boom worden vervangen. Vervanging dient jaarlijks plaats te vinden in het najaar;
Herplantbomen die op gemeentegrond zijn geplant worden, na afloop van de nazorgperiode, pas na goedkeuring tijdens een oplevermoment, door de gemeente in beheer genomen;
De plantmaat van de herplantbomen bedraagt 20-25 cm stamomtrek, gemeten op 1 meter hoogte. Alleen bij uitzondering kan hiervan worden afgeweken, dit is ter beoordeling aan de gemeente;
De bomencompensatie d.m.v. herplant wordt door de eigenaar van de boom of bomen uiteengezet in een herplantplan. Dit plan bevat ten minste de overzichten zoals genoemd in de stappen 1 t/m 6 en een tekening met daarop de locaties van de aan te planten herplantbomen, de soorten (wetenschappelijke namen) van de te herplantbomen, de plantmaten van de herplantbomen en per herplantboom een beschrijving van de duurzame groeiplaatsinrichting (kwaliteit en m3);
Als het herplantplan meerdere bomen bevat, dan dienen de bomen ter identificatie genummerd te worden.
De gemeente toets het herplantplan. Het herplantplan maakt deel uit van de beoordeling van de aanvraag omgevingsvergunning voor het vellen van een houtopstand. Het herplantplan wordt, indien akkoord bevonden door de gemeente, onderdeel van de omgevingsvergunning.
Artikel 7.2 Bomencompensatie d.m.v. herplant
Artikel 7.2 Bomencompensatie d.m.v. herplant
Onderdeel van Beleidsregels Bomen 2025