Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4

Artikel 3

De vergunning

Onderdeel van Beleidsregel Mantelzorgwoningen Neder-Betuwe

A.. Algemeen De realisatie van de mantelzorgwoning kan op verschillende planologische manieren plaatsvinden. Het kan vergunningsvrij zijn of er moet juist wel een omgevingsvergunning voor het afwijken van het omgevingsplan aangevraagd worden. Afhankelijk van de omstandigheden van het specifieke geval kan worden beoordeeld welke route moet worden bewandeld. Na afloop van de persoonsgebonden omgevingsvergunning moet binnen 6 maanden; de voor de mantelzorgwoning gebruik gemaakte bestaande bebouwing gestaakt worden en teruggebracht worden naar de vorige functie; de unit verwijderd worden. Het gestelde in het tweede lid is niet van toepassing indien binnen 6 maanden na afloop van de persoonsgebonden omgevingsvergunning (als bedoeld onder de onderdelen B en eerste lid van dit artikel) opnieuw een aanvraag is ingediend waar positief op wordt beschikt. Het bevoegd gezag zal daarbij beoordelen of het verzoek voldoet aan de geldende eisen voor mantelzorg. B.. Mantelzorgwoning De omgevingsvergunning voor een mantelzorgwoning wordt in de vorm van een persoonsgebonden beschikking op naam van de mantelzorgontvanger(s) verleend. De vergunning voor een mantelzorgwoning vervalt in het geval dat; de mantelzorgontvanger(s) verhuist/verhuizen of komt/komen te overlijden; alle bewoners van de hoofdwoning verhuizen of komen te overlijden. De bewoner(s) van de hoofdwoning dient/dienen binnen 1 maand na verhuizing of overlijden als bedoeld in het tweede lid hierover de gemeente te informeren.

Rechtspraak bij dit artikel