Onverminderd de overige bepalingen in deze beleidsregels, kan het college besluiten tot beëindiging van de schuldhulpverlening indien:
het schuldhulpverleningstraject succesvol is afgerond;
cliënt zelf daartoe een verzoek indient;
cliënt zijn beschikbare aflossingscapaciteit of vermogen niet wil gebruiken voor de aflossing van zijn schulden;
op grond van onjuiste gegevens schuldhulpverlening aan cliënt is toegekend, terwijl indien dit ten tijde van de besluitvorming bekend was geweest bij het college, een andere beslissing zou zijn genomen;
de geboden hulpverlening vanwege de persoonlijke omstandigheden van cliënt, niet langer passend is;
cliënt zich niet naar vermogen inspant om de onderliggende oorzaak van de schuldenproblematiek op te lossen;
cliënt zich niet houdt aan de verplichtingen van artikel 6 en 7 van de Wgs;
cliënt verhuist naar een andere gemeente voordat de schuldregeling is gestart;
cliënt is komen te overlijden.
Artikel 12
Beëindigingsgronden
Onderdeel van Beleidsregels Schuldhulpverlening gemeente Culemborg 2025