Om te bepalen welk toetsingsniveau van toepassing is, wordt gebruik gemaakt van de toetsmatrix zie ook paragraaf 4.5). Hieronder zijn de niveaus kort beschreven. De niveaus zijn van toepassing op de zogenaamde thuistaken. Voor de andere (milieu)taken hanteert de Omgevingsdienst Midden-West Brabant haar eigen niveaus.
Niveau 0
Wordt niet getoetst.
Niveau 1
Uitgangspuntentoets: bevatten de beschikbare stukken voldoende informatie over de uitgangspunten? Gecontroleerd wordt of de (globale) uitgangspunten die zijn aangeleverd voldoende zijn om het desbetreffende aspect te kunnen toetsen.
Niveau 2
Visueel toetsen: kloppen de uitgangspunten en lijken de uitkomsten aannemelijk? Gecontroleerd wordt of de uitgangspunten op de stukken die zijn aangeleverd om het betreffende aspect te kunnen toetsen in de juiste vorm zijn, waarbij van ieder te toetsen aspect wordt nagegaan of de uitgangspunten juist zijn en of de uitkomsten aannemelijk.
Niveau 3
Representatief toetsen: kloppen de maatgevende onderdelen? Gecontroleerd wordt of de uitgangspunten op de aangeleverde stukken om het betreffende aspect te kunnen toetsen in de juiste vorm zijn. Van ieder te toetsen aspect wordt nagegaan of de uitgangspunten juist zijn en of de uitkomsten aannemelijk zijn. De maatgevende berekeningen worden gecontroleerd dan wel nagerekend.
Niveau 4
Volledig toetsen: gelijk aan niveau 3 waarbij aanvullend alles in samenhang controleren en o.a. de maatgevende berekeningen worden nagerekend.
Hoofdstuk 6 › Paragraaf 6.2
Artikel 6.2.3
Toetsingsniveaus
Onderdeel van Kaderstellend Beleid Preventie, Vergunningen, Toezicht en Handhaving 2025 – 2029: Probleemgerichte aanpak fysieke leefomgeving