Het college kan het besluit tot verlening van de omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA) voor een pre-mantelzorgwoning intrekken indien:
langer dan 6 maanden niemand van de personen uit de ondertekende verklaring (artikel 2. b.) op het adres van de pre-mantelzorgwoning is ingeschreven in het BRP;
de pre-mantelzorgwoning wordt gebruikt in strijd met deze beleidsregels of de aan het besluit tot BOPA verbonden voorwaarden en voorschriften.
Het college gaat niet tot intrekking over nadat het de betrokkene de gelegenheid heeft geboden binnen een daartoe te bepalen termijn diens handelen alsnog in overeenstemming te brengen met de omgevingsvergunning, onderscheidenlijk de voorschriften of algemene regels na te leven.