Aan de mandatering zijn de volgende voorwaarden verbonden:
dit mandaat eindigt op het moment van intrekking van dit besluit;
de gemandateerde stemt in met het mandaat;
indien de gemandateerde van oordeel is dan wel redelijkerwijs te verwachten is, dat een te nemen beslissing bestuurlijke implicaties kan hebben, legt de gemandateerde de zaak met zijn advies via de geëigende kanalen voor aan de Heffingsambtenaar;
de gemandateerde is gehouden de Heffingsambtenaar inlichtingen te verschaffen over de uitoefening van de gemandateerde bevoegdheid;
de gemandateerde is gehouden alle stukken die ter uitvoering van het mandaat uitgaan op te maken in een vorm waaruit blijkt, dat het gaat om een gemandateerde bevoegdheid.