In deze beleidsregels wordt verstaan onder:
Adreskwaliteit: de mate waarin adresregistraties in de BRP overeenkomen met de werkelijkheid;
Adresonderzoek: een adresonderzoek dat de gemeente instelt als er een vermoeden is dat een burger onjuist staat ingeschreven in de BRP;
Basisregistratie Personen (BRP): de basis van persoonsgegevens voor alle afnemers;
Doorgangsadressen: dit zijn adressen waarop veel in- en uitschrijvingen plaatsvinden, vaak van korte duur;
Ingeschrevene: degene ten aanzien van wie een persoonslijst in de BRP is opgenomen;
Landelijke Aanpak Adreskwaliteit (LAA), een samenwerking van publieke organisaties om incorrecte adresgegevens in de BRP te herkennen en te herstellen;
LAA-onderzoek: alle handelingen die gemeenten uitvoeren voor de behandeling van een signaal. Een LAA-onderzoek is niet hetzelfde als een formeel adresonderzoek;
Overbewoning: adressen waarbij het gemiddelde woonoppervlak per persoon kleiner is dan 16 m2;
Persoonslijst: het geheel van gegevens over één persoon in de BRP;
Registratie Niet-Ingezetene (RNI): een onderdeel van de BRP voor personen die in het buitenland wonen of personen die een relatie hebben met de Nederlandse overheid;
Schijnbewoning: woonadressen waar in de afgelopen twee jaar meer dan drie personen zijn uitgeschreven met een onbekende bestemming;
Schijnverlating: ouders met jonge kinderen, waarvan één van de ouders op een ander adres staat ingeschreven dan de andere ouder en de kinderen;
Signaal: het resultaat van een risicoprofiel dat twijfel uitdrukt over de juistheid van de registratie van adresgegevens;
Terugmelding: een melding van een vermoedelijke fout in persoonsgegevens;
Terugmeldvoorziening (TMV): de terugmeldvoorziening bestaande uit een digimeldvoorziening voor afnemers en gemeenten;
Toezichthouder: een ambtenaar die toezicht houdt op de naleving van verplichtingen door burgers. Deze ambtenaar wordt door het college aangewezen;
Veelverhuizers: personen die vaak van adres wisselen;
WALAA: webapplicatie LAA. Dit is de ondersteunende applicatie die gemeenten gebruiken voor de behandeling van signalen;
Woonadres: het adres waar de burger woont, inclusief het adres van een woning in een voertuig of vaartuig, mits het voertuig of vaartuig een vaste stand- of ligplaats heeft. Als een burger op meer dan één adres woont, is het woonadres het adres waar hij naar verwachting gedurende een half jaar de meeste nachten zal overnachten of gedurende drie maanden ten minste twee derde van de tijd zal overnachten.