Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5

Artikel 5.3

Hoogte van een pgb-tarief

Onderdeel van Verordening jeugdhulp Heemstede 2025

1.. Het pgb is gebaseerd op een uur-, dagdeel- of etmaaltarief. Er zijn twee soorten tarieven, dit zijn het formele en het informele. 2.. Van het formele tarief is sprake als de hulp verleend wordt door personen, met uitzondering van bloed- of aanverwanten in de 1e of 2e graad van de jeugdige: die in loondienst zijn bij een instelling die ten aanzien van de voor het pgb uit te voeren taken/werkzaamheden ingeschreven staat in het Handelsregister (conform artikel 5 Handelsregisterwet 2007) en een kopie van de inschrijving in het Handelsregister kunnen overleggen; en die een kopie van hun (geanonimiseerde) arbeidsovereenkomst kunnen overleggen waaruit blijkt welke cao wordt toegepast. Het dient daarbij te gaan om een voor de betreffende sector relevante cao die aangemeld is bij de directie UAW van het Ministerie van SZW; of die aangemerkt zijn als zelfstandige zonder personeel (ook in collectief verband) en ten aanzien van de voor het pgb uit te voeren taken/werkzaamheden ingeschreven staan in het Handelsregister (conform artikel 5 Handelsregisterwet 2007) en een kopie van de inschrijving in het Handelsregister kunnen overleggen; en die hun SKJ of BIG registratie kunnen overleggen indien van toepassing. Indien een registratie niet van toepassing is, dan worden een kopie van een relevant diploma van een erkende Nederlandse instelling voor beroepsonderwijs uitgereikt aan de beoogde hulpverlener(s) en een VOG van de beoogd hulpverlener(s) die bij aanvang van de hulp niet ouder is dan 12 maanden ingediend. 3.. Indien de documenten beschreven in lid 2, niet worden overlegd is te allen tijde sprake van informeel tarief. 4.. Een hulp uit het sociaal netwerk als bedoeld in artikel 8 van de Regeling Jeugdwet kan voor op onverplichte basis verleende jeugdhulp (enkel) een tegemoetkoming van € 141 per kalendermaand worden betaald, voor zover van toepassing aangevuld met een tegemoetkoming per kalendermaand voor schoonmaakmiddelen, levensmiddelen, kleding of reiskosten ten behoeve van de hulp overeenkomstig de door het college daarvoor vastgestelde bedragen. 5.. De norm verantwoorde werktoedeling zoals beschreven in het Kwaliteitskader Jeugd is van toepassing op het informele pgb. 6.. Het college stelt in Nadere regels per ondersteuningsvorm de pgb-tarieven vast. Dit betreft een tarief per eenheid, bijvoorbeeld uren of dagen. 7.. De hoogte van het pgb is de benodigde omvang van de individuele voorziening in uren of dagdelen maal het tarief. 8.. Het pgb is nooit hoger dan dat de goedkoopste voorziening in natura zou kosten die past bij wat nodig is. 9.. De tarieven worden jaarlijks per 1 januari geïndexeerd volgens de OVA-index en kunnen tussentijds indien nodig worden aangepast.

Rechtspraak bij dit artikel