Wie kan gemachtigd worden
Voorbeelden van personen die de budgethouder kan machtigen zijn: de echtgenoot, de geregistreerde partner of andere levensgezel van de cliënt, de ouder, kind, broer of zus, grootouder of kleinkind (art. 1.1.1 lid 2 Wmo 2015).
Volmacht vereist
Zonder volmacht kunnen de hiervoor genoemde personen niet als vertegenwoordiger optreden als de cliënt dat niet wenst. Dat moet de gemeente onderzoeken.
Belang van de cliënt centraal
De vertegenwoordiger mag alleen handelen in het belang van de cliënt en dus niet ook zijn eigen belang dienen. Een vertegenwoordiger zorgt er feitelijk voor dat (namens) de budgethouder de verplichtingen die aan het pgb zijn verbonden ook daadwerkelijk worden nagekomen. Hij biedt de budgethouder gewaarborgde hulp. Dat is van belang omdat de gevolgen van het niet of onvoldoende nakomen van verplichtingen in beginsel voor rekening en risico van de budgethouder komen. Denk aan de weigering van een pgb, het intrekken van het recht op pgb of de terugvordering van een ten onrechte of tot een te hoog bedrag betaald pgb.
Gewaarborgde hulp
Blijkt uit onderzoek dat de vertegenwoordiger de gewaarborgde hulp niet kan bieden of daar objectieve twijfels over bestaan, dan weigert de gemeente het pgb.
Handelwijze vertegenwoordiger
Is de handelwijze van de vertegenwoordiger eerder aanleiding geweest voor de intrekking van een pgb, dan kan deze persoon niet meer de pgb-vaardigheid van de budgethouder overnemen. Dit ter bescherming van de budgethouder. De gemeente zal de cliënt in de gelegenheid moeten stellen om een andere vertegenwoordiger te machtigen die in staat is de pgb-vaardigheid op zich te nemen. De gemeente zal bij een eerdere intrekking van een pgb gebruik maken van de bevoegdheid om geen pgb toe te kennen, zie 13.11 van deze beleidsregels.
Hoofdstuk 13 › Paragraaf 13.8
Artikel 13.8.4
Vertegenwoordiger
Onderdeel van Beleidsregels Maatschappelijke ondersteuning gemeente Urk 2025