**1..** Het verplichtingen- en sanctieregime van de Werkloosheidswet
is van toepassing op de aanvullende uitkering, met
inachtneming van het in lid 2 gestelde en met dien verstande
dat een boete in de zin van de Werkloosheidswet niet leidt
tot een verandering in het bedrag van de aanvullende
uitkering.
**2..** Indien een betrokkene ontslagen wordt op grond van artikel
8:4, nadat hij heeft aangegeven voor dit ontslag in
aanmerking te willen komen en de uitvoeringsinstelling als
gevolg hiervan de uitkering krachtens de Werkloosheidswet
als sanctie gedeeltelijk weigert, kent het college een
aanvulling op de aanvullende uitkering toe zodanig dat de
uitkering krachtens de Werkloosheidswet en de aanvullende
uitkering tezamen een bedrag vormen dat overeenkomt met het
bedrag waarop betrokkene recht zou hebben gehad indien hij
niet te kennen zou hebben gegeven voor ontslag in aanmerking
te willen komen.
**3..** Indien een betrokkene ontslagen wordt op grond van artikel
8:4, nadat hij heeft aangegeven voor dit ontslag in
aanmerking te willen komen en de uitvoeringsinstelling als
gevolg hiervan de uitkering krachtens de Werkloosheidswet
geheel weigert, kent het college een gemeentelijke
werkloosheidsuitkering toe, waarvan de hoogte en de duur
overeenkomen met de uitkering krachtens de Werkloosheidswet
waarop de betrokkene recht zou hebben gehad indien hij niet
te kennen zou hebben gegeven voor ontslag in aanmerking te
willen komen. Deze gemeentelijke werkloosheidsuitkering
wordt, indien aan de voorwaarden van artikel 10a:2 wordt
voldaan, aangevuld met een aanvullende uitkering. Op deze
gemeentelijke werkloosheidsuitkering zijn de bepalingen van
de Werkloosheidswet van toepassing. Voor de toepassing van
dit hoofdstuk wordt de gemeentelijke werkloosheidsuitkering
gelijkgesteld aan een uitkering krachtens de
Werkloosheidswet.