**1..** Op de ambtenaar van wie de eerste dag van ongeschiktheid
bedoeld in artikel 7:3 is gelegen voor 1 januari 2004 zijn
de artikelen 7:1, 7:3, 7:5, 7:9, 7:11, 7:14, 7:16, 7:18,
7:21 en 7:22 niet van toepassing.
**2..** Op de ambtenaar, bedoeld in het vorige lid, zijn de
artikelen 7:1, 7:3, 7:5, 7:9, 7:11, 7:14, 7:16 , 7:18, 7:21
en 7:22, zoals die golden op 31 december 2005, van
toepassing.
**3..** Op de ambtenaar, van wie de eerste dag van ongeschiktheid
bedoeld in artikel 7:3 is gelegen op of na 1 januari 2004 en
die op grond van de WAO recht heeft op een WAO-uitkering,
zijn de artikelen 7:1, 7:5, 7:9, 7:11, 7:14, 7:16 en 7:21
niet van toepassing.
**4..** Op de ambtenaar, bedoeld in het vorige lid, zijn de
artikelen 7:1, 7:5, 7:9, 7:11, 7:14, 7:16 en 7:21, zoals die
golden op 31 december 2005, van toepassing, waarbij de
verwijzing in artikel 7:21, eerste lid, naar artikel 7:3,
eerste lid, gelezen moet worden als een verwijzing naar
artikel 7:3, zoals dat luidt met ingang van 1 januari
2006.
**5..** Het college stelt per 1 januari 2006 voor de ambtenaren van
wie de eerste dag van ongeschiktheid, bedoeld in artikel
7:3, is gelegen op of na 1 januari 2004, de duur van de
ongeschiktheid vast. De hoogte van de loondoorbetaling vanaf
1 januari 2006 wordt bij voortduring van de ongeschiktheid
berekend op basis van het bepaalde in artikel 7:3, eerste
tot en met het vierde lid.