Een initiatiefnemer realiseert ten minste het aantal fietsparkeerplaatsen dat op basis van artikel 13 als fietsparkeereis wordt bepaald.
In beginsel wordt in het plangebied in de fietsparkeereis voorzien.
Indien binnen het plangebied en gebruikmakend van bestaande openbare fietsparkeerplaatsen niet (volledig) in de fietsparkeereis kan worden voorzien, dan kan worden onderzocht door de initiatiefnemer of de aanleg van extra fietsparkeerplaatsen in de openbare ruimte een oplossing biedt, waarbij de kosten voor de initiatiefnemer zijn.