**1..** De raad kan, wanneer zij dat nodig acht, digitaal vergaderen;
**2..** Deelnemers zijn zichtbaar en hoorbaar, zodanig dat de voorzitter en de griffier de identiteit zonder twijfel kan vaststellen;
**3..** De griffier stelt een presentielijst op van de deelnemers wiens identiteit is vastgesteld en ondertekent de presentielijst samen met de voorzitter. De presentielijst wordt op gebruikelijke wijze gearchiveerd;
**4..** Tijdens de vergadering mogen deelnemers de camera en de microfoon uitdoen, maar bij stemmingen moeten de deelnemers zichtbaar en hoorbaar zijn.;
**5..** De vergadering kan door de voorzitter worden geopend indien meer dan de helft van het aantal zitting hebbende deelnemers deelneemt aan de videovergadering.
Hoofdstuk 2. › Paragraaf 8.
Artikel 32.