**1.a.** Het college verstrekt aan de uitkeringsgerechtigde, die deeltijdarbeid verricht en geen volledige arbeidsverplichting heeft (zoals bedoeld in artikel 9, tweede lid van de wet), elk half jaar een premie van 225 euro.
Het recht op de premie ontstaat een half jaar na afloop van de eerste 6 maanden van deeltijdarbeid.
**1.b.** Als voorwaarden voor het recht op premie geldt dat de uitkeringsgerechtigde:
arbeid in een dienstbetrekking van ten minste acht uren per week heeft verricht;
ten minste gedurende vier van de zes maanden inkomsten uit de dienstbetrekking heeft genoten.
**2.a.** Een uitkeringsgerechtigde die deeltijdarbeid verricht binnen een periode waarin hij ook deelneemt aan een leerwerkplek, ontvangt gedurende maximaal één jaar een halfjaarlijkse premie deeltijdarbeid van 10% van de netto maandinkomsten, tot een maximum van 400 euro per half jaar. Het recht op de premie ontstaat een half jaar na afloop van de eerste 6 maanden van deeltijdarbeid
**2.b.** Als voorwaarde voor het recht op premie geldt dat de uitkeringsgerechtigde voldoende heeft meegewerkt aan zijn arbeidsinschakeling teneinde volledig in de kosten van het bestaan te kunnen voorzien.
**2.c.** De premie voor deeltijdarbeid wordt ook verstrekt over de periode van een half jaar, waarin de leerwerkplek wordt beëindigd, maar het deeltijdwerk voortgezet.
**2.d.** De vaststelling van het recht op de premie voor een leerwerkplek staat los van de vaststelling van het recht op de premie deeltijdarbeid.
**2.e.** De premie als bedoeld in sub a. wordt tegelijkertijd met de premie voor een leerwerkplek (als bedoeld in artikel 4A, sub e. van deze verordening) uitgekeerd als één bedrag.
**3.a.** De toekenning van de premies onder lid 1 en lid 2 geschiedt ambtshalve.
**3.b.** Het college is bevoegd nadere voorwaarden te stellen, waaronder de premies onder lid 1 en lid 2 worden verstrekt.
**4..** Van het recht op een premie deeltijdarbeid als bedoeld in artikel 9 is uitgesloten de alleenstaande ouder met de volledige zorg voor één of meerdere kinderen jonger dan 12 jaar, zolang deze recht heeft op de inkomstenvrijlating uit hoofde van artikel 31 lid 2 sub r van de wet.
**5..** Overgangsregeling
Voor de uitkeringsgerechtigde als bedoeld in lid 4 die in de periode juli tot en met december 2011 nog inkomsten uit deeltijdarbeid heeft genoten en in die periode aan de voorwaarden voor het recht op de premie deeltijdarbeid als bedoeld in lid 1 heeft voldaan, geldt over genoemde periode een eenmalige premie naar rato van het aantal gewerkte maanden.
Voor de uitkeringsgerechtigde als bedoeld in lid 4 die in de periode juli tot en met december 2011 nog inkomsten uit deeltijdarbeid heeft genoten en in die periode aan de voorwaarden voor het recht op de premie deeltijdarbeid als bedoeld in lid 2 heeft voldaan, geldt over genoemde periode een premie van 10% van de genoten inkomsten.
**6..** Uitsluiting
art. 9 is niet van toepassing op de persoon die jonger is dan 27 jaar.