1.Alle begrippen die in deze Verordening worden gebruikt en die niet nader worden omschreven, hebben dezelfde betekenis als in de Wet inburgering en de daarop gebaseerde regelgeving dan wel de Wet Participatiebudget en de daarop gebaseerde regelgeving, alsmede de Algemene wet bestuursrecht.
2.In deze verordening wordt verstaan onder:
college: college van burgemeester en wethouders van de gemeente Rijswijk;
de wet: de Wet inburgering (WI);
het Besluit: het Besluit tot uitvoering van de Wet inburgering (Besluit inburgering);
inburgeringstraject: geheel van voorzieningen gericht op het behalen van het inburgeringsexamen dan wel het Staatsexamen Nederlands als tweede taal I of II dan wel noodzakelijk voor het kunnen afronden van een beroepsopleiding;
doelgroep: belanghebbenden aan wie op grond van de Wet inburgering en daarop gebaseerde regelgeving, de Wet Participatiebudget en daarop gebaseerde regelgeving, artikel 7 van de WWB, artikel 4.23 van het Besluit, de WIJ en de Wsw ondersteuning op het gebied van inburgering en participatie kan worden geboden;
boete: bestuurlijke boete als bedoeld in hoofdstuk 6, paragraaf 2, van de wet;
nalatige gedraging: de gedraging waarvoor een bestuurlijke boete kan worden opgelegd als bedoeld in hoofdstuk 6, paragraaf 2, van de wet;
regio Haaglanden: het gebied dat wordt gevormd door de gemeenten ’s-Gravenhage, Zoetermeer, Delft, Westland, Pijnacker-Nootdorp, Midden-Delfland, Wassenaar, Leidschendam-Voorburg, Rijswijk.
Hoofdstuk 1
Artikel 1
- Begripsomschrijvingen
Onderdeel van Verordening inburgering gemeente Rijswijk 2010