Naar hoofdinhoud

Artikel 5

Voorwaarden en uitzonderingen mandaatverlening

Onderdeel van Besluit Mandaat, volmacht en machtiging Bronckhorst 2025

1.. Het in het artikel 4, eerste lid, bedoelde mandaat komt de mandaathouder slechts toe, voor zover de uitoefening van de bevoegdheid overeenstemt met de taken en verantwoordelijkheden van de organisatie-eenheid c.q. taakveld waarbinnen de betreffende persoon werkzaam is. 2.. De in bijlage 1 genoemde bevoegdheden blijven voorbehouden aan het college respectievelijk de burgemeester. 3.. De in bijlage 2 genoemde bevoegdheden blijven voorbehouden aan de gemeentesecretaris/algemeen directeur. 4.. De in bijlage 3 genoemde bevoegdheden blijven voorbehouden aan de manager(s). 5.. De in bijlage 4 genoemde bevoegdheden blijven voorbehouden aan de teamleider cluster Openbare Veiligheid, Toezicht en Handhaving. 6.. De in bijlage 5 genoemde bevoegdheden blijven voorbehouden aan de teamleider cluster Participatie. 7.. De in bijlage 6 genoemde bevoegdheden blijven voorbehouden aan de teamleider cluster Buiten. 8.. Ondermandaat is niet toegestaan, tenzij het college of de burgemeester ten aanzien van een bepaalde bevoegdheid hebben aangegeven dat ondermandaat wel is toegestaan. 9.. Geen mandaat wordt verleend als artikel 10:3 van de Awb van toepassing is. 10.. De budgethoudersregeling, de financiële verordening, het Treasurystatuut en het inkoop- en aanbestedingsbeleid dienen in acht te worden genomen. 11.. Het doorgeven van een volmacht (substitutie) of machtiging is wel toegestaan.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel