Naar hoofdinhoud

Artikel 4

Subsidievoorwaarden

Onderdeel van Subsidieverordening Lokale Aanpak Isolatie Koopwoningen Koggenland

De subsidie wordt verleend aan eigenaar-bewoners met criteria beschreven in Artikel 3, onder de volgende voorwaarden; De woning van de eigenaar-bewoner moet een aangetoond slecht geïsoleerde woning zijn. Dit kan aangetoond worden op twee manieren: Het tonen van een gecertificeerd energielabel D, E, F, G van de woning, of; in het geval een woning geen energielabel of energielabel A, B of C heeft geldt als voorwaarde dat de aanvrager verklaart dat ten minste twee van de volgende bestaande bouwdelen niet of slecht geïsoleerd zijn, via de onderstaande criteria: Dak Hellend / plat dak: Geen, slechte en matige dakisolatie (minder dan 9cm isolatiemateriaal aanwezig / Rc ≤ 2,0) Zolder-/vlieringvloerisolatie: Als er geen zolder-/vlieringvloerisolatie aanwezig is, als alternatief voor dakisolatie. Alleen toe te passen bij een onverwarmde zolder en gesloten vlieringluik of gesloten toegangsdeur. (Rc ≤ 0,5) Gevel: Geen spouwmuurisolatie, voorzetwand of buitengevelisolatie aanwezig (Rc ≤ 1,1) Vloer-/bodemisolatie: Geen of slechte vloer- en bodemisolatie aanwezig, aanpakken bij matige vloerisolatie niet perse noodzakelijk (minder dan 5 cm isolatiemateriaal aanwezig, Rc ≤ 1,3) Ramen (Glas): Enkel glas, oud dubbelglas en HR glas (Ug waarde ≥ 1,6). Een warmte-terugwin-installatie WTW wordt alleen gesubsidieerd als er ook een isolerende maatregel is geplaatst. (voor voorwaarden WTW zie 8.1) Deze subsidie kan éénmaal worden aangevraagd per woning. De aanvrager kan subsidie aanvragen voor isolatiemaatregelen die gefactureerd zijn op of na 1 januari 2025. De eigenaar-bewoner kan kiezen voor het uitvoeren van een doe-het-zelf maatregel. In dat geval komen uitsluitend de isolatiematerialen voor vergoeding in aanmerking. Afwerkmaterialen vallen niet binnen de regeling. Bij een doe-het-zelf maatregel komen de eigen werkuren niet voor vergoeding in aanmerking;

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel