**1..** Als uit het gesprek van artikel 21, lid 2 blijkt dat de gevolgen van de maatregel onnodig nadelig uitpakken voor belanghebbende, dan wordt beoordeeld of er redenen zijn om de maatregel aan te passen. Hierbij betrek je in ieder geval de volgende omstandigheden:
de persoonlijke omstandigheden van belanghebbende
de rol van belanghebbende bij het ontstaan van de situatie
het doenvermogen van de belanghebbende
de bedoeling van de belanghebbende bij het nakomen van de regels
de rol van onszelf bij het ontstaan van de situatie
eigen fouten
(te) langzame besluitvorming
de gevolgen van een maatregel voor de situatie van belanghebbende
eventuele schulden of financiële problemen
de betrokkenheid van (proces)regie, gezinswerker of hulpverlening
de invloed op/van jeugdigen of andere betrokkenen
de aanwezigheid van andere voorzieningen zoals re-integratie
(dreigende) uithuiszetting.
**2..** De uitkomsten van deze beoordeling worden afgewogen tegen het algemene belang van de gemeente bij het nakomen van de regels die horen bij een uitkering. Het resultaat van die afweging kan zijn dat de maatregel niet, lager of minder lang wordt opgelegd.
**3..** Als de maatregel wordt aangepast, kan er wel een schriftelijke waarschuwing worden gegeven.
Hoofdstuk 4 › Paragraaf 4.2
Artikel 22
Aanpassen van een maatregel
Onderdeel van Beleidsregels over het nakomen van de regels van de Participatiewet 2025 gemeente Heerenveen