Geen vergoeding vindt plaats als in de vergunning is opgenomen dat binnen een periode van vijf jaren na de datum van inwerkingtreding, een wijziging of intrekking van die vergunning is te voorzien. Dit in verband met bijvoorbeeld een binnen die periode op te starten project waarin de vergunde kabel en of leiding is gelegen.
Als de aanwijzing niet wordt gegeven binnen de periode van vijf jaren dan geldt het toepasselijke vergoedingsregime van artikel 4 zoals in deze regeling is opgenomen.