De voorzitter van een kamer van de commissie bepaalt de plaats en het tijdstip van de hoorzitting waarin de bezwaarmaker, eventuele andere belanghebbenden en het bestuursorgaan in de gelegenheid worden gesteld zich door de commissie te laten horen.
De voorzitter van een kamer nodigt de bezwaarmaker, eventuele andere belanghebbenden en het bestuursorgaan ten minste drie weken voor de hoorzitting schriftelijk uit, onder vermelding van de locatie, datum en het tijdstip van de hoorzitting.
Binnen drie werkdagen na de uitnodiging kunnen de bezwaarmaker, eventuele andere belanghebbenden of het bestuursorgaan met opgave van een reden eenmalig de voorzitter verzoeken de datum of het tijdstip van de hoorzitting te wijzigen.
De beslissing van de voorzitter op dat verzoek wordt binnen drie werkdagen na ontvangst van het verzoek aan de bezwaarmaker, eventuele andere belanghebbenden en het bestuursorgaan meegedeeld.
De voorzitter van de betreffende kamer van de commissie is bevoegd in bijzondere omstandigheden af te wijken of afwijking toe te staan van de termijnen, genoemd in het tweede tot en met vierde lid.
De voorzitter van de betreffende kamer van de commissie kan de secretaris verzoeken om de in het eerste en tweede lid van dit artikel genoemde bevoegdheden namens hem of haar uit te voeren.
Artikel 11.
Uitnodiging hoorzitting
Onderdeel van Verordening voor de behandeling van bezwaarschriften De Fryske Marren