Nadere regel bij Artikel 19. Vervoersvoorziening voor de leerling - kilometergrens fietsen - Mogelijkheden leerling
Kilometergrens regulier basis- onderwijs en speciaal basisonderwijs 6 km
Kilometergrens (voortgezet)speciaal onderwijs
Het schooljaar waarin het kind 11 jaar wordt tot maximaal 10 km
Toekenning naar gelang ontwikkelingsleeftijd
Van leerlingen die in het schooljaar 11 jaar worden, verwacht het college dat zij kunnen fietsen als de afstand tot de school minder dan 10 kilometer is.
Indien twijfel bestaat over de fietsmogelijkheden van de leerling kan het college de ouders vragen om een ter zake deskundig onafhankelijk advies over de medische beperkingen van de leerling met betrekking tot het reizen met de fiets te overleggen.
Nadere regel bij Artikel 19. Vervoersvoorziening voor de leerling en artikel 21 Vervoersvoorziening op basis van de kosten van door de ouders georganiseerd vervoer – Hoogte kilometervergoeding
Het college berekent de kilometervergoeding voor eigen vervoer op basis van de kortste afstand tussen de woning van de leerling en de dichtstbijzijnde toegankelijke school.
Het college vergoedt per dag, 2 retourritten voor eigen vervoer. Te weten de reis van de chauffeur in de ochtend en middag tussen de woning van de leerling en de school van de leerling (heen- en terugreis).
Het college verstrekt geen kilometervergoeding als de leerling ook tussen de middag wordt vervoerd.
Als recht bestaat op een vergoeding voor het eigen vervoer per fiets van en naar school wordt de vergoeding gebaseerd op een bedrag per kilometer. Het college baseert de kilometervergoeding voor het gebruik van een eigen fiets op 50% van de kilometervergoeding voor autogebruik, naar beneden afgerond.
De kilometervergoeding wordt toegekend voor de kilometers die door de leerling worden afgelegd.
Nader regel bij Artikel 19. Vervoersvoorziening voor de leerling – Vaststellen kosten openbaar vervoer
Voor de vaststelling van de kosten van een vervoersvoorziening met openbaar vervoer gaat het college in beginsel uit van het meest goedkope jaarabonnement dan wel, een maandabonnement gedurende maximaal 10 maanden per jaar dan wel, indien dat voordeliger is, van de kosten van een retourreis.
Nadere regel bij Artikel 19. Vervoersvoorziening voor de leerling - Aantal overstapmomenten openbaar vervoer en maximale reistijd openbaar vervoer
Nadere regel inzake het reizen met het openbaar vervoer
Leeftijd
Kilometergrens regulier en speciaal basisonderwijs 6 km
Kilometergrens voortgezet (speciaal) onderwijs 6 km
Het schooljaar waarin het kind 11 jaar wordt.
Maximaal 2 keer overstappen, indien nodig met begeleiding.
Toekenning naar gelang ontwikkelingsleeftijd
Voor het speciaal onderwijs geldt in principe maximaal één overstap. Twee overstappen is in overleg met ouders mogelijk, indien de leerling dit aankan en er sprake is van een reële overstaptijd.
Als de totale reistijd met het openbaar vervoer langer is dan 1,5 uur onderzoekt het college of de reistijd met het aangepast vervoer met 50% verkort kan worden. In dat geval zet de gemeente aangepast vervoer in.
Nadere regel bij Artikel 19. Vervoersvoorziening voor de leerling en artikel 22. Aangepast vervoer – Reistijd bepalen
Het vaststellen van de reistijd per openbaar vervoer vindt plaats op basis van de Reisinformatiegroep bv via 0900-9292 of www.9292.nl. Bij verschillende reisopties hanteert het college de kortste reistijd.
Voor het vaststellen van de reistijd per taxivervoer, raadpleegt het college de vervoerder.
Bij het berekenen van de totale reistijd telt het college de tijd die gemoeid is met het bereiken van de opstapplaats mee.
Nadere regel bij Artikel 19. Vervoersvoorziening voor de leerling - Vergoeding openbaar vervoer leerlingen voortgezet speciaal onderwijs
Om zelfstandig reizen te stimuleren, verstrekt de gemeente een vergoeding van de kosten van het openbaar vervoer aan leerlingen die zelfstandig naar een school voor voortgezet speciaal onderwijs gaan reizen in plaats van gebruik te maken van aangepast vervoer per taxi.
De vergoeding wordt verstrekt in de vorm van een jaarabonnement of voor een periode van maximaal 1 jaar alsnog gebruik gaat maken van het openbaar vervoer.
Voor de stageplek geldt hetzelfde afstandscriterium als voor de school.