Voordat een begrotingswijziging wordt vastgesteld, zendt het dagelijks bestuur het ontwerp daarvan, voorzien van een toelichting en een raming van de verschuldigde bijdrage, toe aan de raden van de deelnemende gemeenten.
De raden van de deelnemende gemeenten kunnen het dagelijks bestuur binnen een periode van twee maanden van hun gevoelen doen blijken.
Het dagelijks bestuur zendt zo spoedig mogelijk na sluiting van de in lid 2 bedoelde periode de opmerkingen van de raden en de begrotingswijziging, eventueel voorzien van een nota van wijzigingen, ter vaststelling toe aan het algemeen bestuur.
Het dagelijks bestuur zendt de begrotingswijziging na vaststelling toe aan de raden van de deelnemende gemeenten.
Het bepaalde in artikel 20 lid 6 en 7 is van overeenkomstige toepassing.
Hoofdstuk 10.
Artikel 21.
Begrotingswijziging
Onderdeel van Gemeenschappelijke regeling Werkvoorzieningschap Kampen & Dronten