Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3. › Paragraaf 3.3

Artikel 3.3.2

Softdrugs

Onderdeel van Beleidsregels artikel 13b Opiumwet Gemeente Drimmelen

Bij de totstandkoming van artikel 13b, eerste lid van de Opiumwet (Kamerstukken II 2005/06, 30 515, nr. 3, blz. 8, en Kamerstukken II 2006/07, 30 515, nr. 6, blz. 1 en 2) in algemene zin is vermeld dat bij een eerste overtreding nog niet tot sluiting van de woning dient te worden overgegaan, maar moet worden volstaan met een waarschuwing of soortgelijke maatregel. De last onder dwangsom kan aangemerkt worden als een soortgelijke maatregel. Dit moet worden beschouwd als een uitgangspunt waarvan in ernstige gevallen mag worden afgeweken. De last strekt tot het geheel ongedaan maken of beëindigen van de overtreding van artikel 3 Opiumwet, tot het voorkomen van herhaling van een overtreding van artikel 3 van de Opiumwet, dan wel tot het wegnemen of beperken van de gevolgen van de overtreding van artikel 3 van de Opiumwet. Wanneer niet aan de last wordt voldaan ontstaat er voor de eigenaar en/of bewoner (althans de overtreder) een betalingsverplichting (verbeurte van de dwangsom). De dwangsom wordt via een apart besluit ingevorderd (invorderingsbeschikking). Hoogte dwangsom Bij hennepstekkerijen en -kwekerijen in/bij woningen zal de hoogte van de dwangsom worden afgestemd op een verkoopprijs van € 4.070,- per kilo hennep dan wel € 114,77 per aangetroffen hennepplant, hennepstek of lege pot. Voor deze normbedragen is aangesloten bij “Wederrechtelijk verkregen voordeel hennepkwekerij bij binnenteelt onder kunstlicht Standaardberekening en normen, Update 1 juni 2016” van het Functioneel parket (OM). Het opleggen van een last onder dwangsom is niet te beschouwen als het toebrengen van een verdergaande benadeling dan die welke voortvloeit uit het enkel doen naleven van de bedoelde voorschriften uit de Opiumwet. In dit opzicht kan de maatregel dan ook niet worden aangemerkt als een punitieve sanctie. Bij overtreding van artikel 3 Opiumwet in verbinding met artikel 13b, lid 1, Opiumwet in of vanuit een woning of daarbij behorende erven wordt als volgt gehandeld: 1ste constatering Last onder dwangsom 2de constatering binnen twee jaar na de 1ste constatering Sluiting voor een periode van 3 maanden 3de constatering binnen twee jaar na de 2de constatering Sluiting voor een periode van 6 maanden 4de constatering binnen twee jaar na de 3de constatering Sluiting voor een periode van 12 maanden Van deze overtreding is in ieder geval sprake (niet limitatieve opsomming) in de volgende gevallen: Verkoop van softdrugs door eigenaar/ huurder/ bewoner. Aanwezigheid van softdrugs in de woning in een handelshoeveelheid (> 5 gram softdrugs). Aanwezigheid van een bedrijfsmatige hennepkwekerij (zie Aanwijzing Opiumwet).

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel