**1..** Het college kan aan de eigenaar-bewoner van een woning met inachtneming van het bepaalde in deze regeling subsidie verlenen ten behoeve van kosten die in redelijkheid direct verband houden met maatregelen gericht op:
Spouwmuurisolatie (met isolatiewaarde van Rd ≥ 1,1 m2K/W en een oppervlakte van minimaal 10m2);
Gevelisolatie (met isolatiewaarde van Rd ≥ 3,5 m2K/W en een oppervlakte van minimaal 10m2);
Vloerisolatie (met isolatiewaarde van Rd ≥ 3,5 m2K/W en een oppervlakte van minimaal 20m2);
Bodemisolatie (met isolatiewaarde van Rd ≥ 3,5 m2K/W en een oppervlakte van minimaal 20m2);
Dakisolatie (met isolatiewaarde van Rd ≥ 3,5 m2K/W en een oppervlakte van minimaal 20m2);
Zolder/vliering-vloerisolatie (met isolatiewaarde van Rd ≥ 3,5 m2K/W en een oppervlakte van minimaal 20m2);
Glas en kozijnpanelen (met isolatiewaarde van U ≤ 1,2 W/m2K of met isolatiewaarde van U ≤ 0,7 W/m2K en een oppervlakte van minimaal 3m2);
Isolerende deuren (met isolatiewaarde van U ≤ 1,5 W/m2K en een oppervlakte van minimaal 3m2).
**2..** Bij deze maatregelen dient rekening te worden gehouden met de Omgevingswet (voorheen Wet Natuurbescherming).
**3..** Voor de aanvraag van een subsidie in het kader van deze regeling gelden een viertal routes:
collectieve advies- en inkoopactie;
regel-het-zelf na uitvoering van de isolatiemaatregel;
doe-het-zelf;
ontzorgen.
**4..** Voor maatregelen die worden genomen via de route doe-het-zelf gelden de oppervlakte-eisen als genoemd in artikel 4 lid 1 niet.
Artikel 4.
Subsidiegrondslagen
Onderdeel van Subsidieregeling Lokale aanpak isolatie Lingewaard 2025