Aan het huisnummer kan een letter en een huisnummertoevoeging worden toegevoegd om een logische huisnummering te verkrijgen. Hiervoor gelden de volgende uitgangspunten:
De nummeraanduiding bestaat uit een combinatie van:
het huisnummer (numeriek bestaande uit max. 5 posities);
de huisletter (alfanumerieke hoofdletter, bestaande uit max. 1 positie);
de huisnummertoevoeging (combinatie van alfanumeriek en/of numeriek; bestaande uit max. 4 posities).
Aan een huisnummer worden de letter l, O, Q en Y niet toegekend.
Aan de onderstaande objecten worden altijd de volgende letter toegevoegd:
G: Garageboxen;
K: Kamer in een zorgcomplex;
M: Mantelzorgwoning;
S: Schuur (niet in de nabijheid van een bijbehorend verblijfsobject);
T: Transformator;
U: Units (tijdelijke objecten waar mensen verblijven);
Z: rioolgemalen, gas-, meet- en regelstations e.d.
Voor zover er sprake is van een reeks van garageboxen, kamers in een zorgcomplex of mantelzorgwoningen wordt een huisnummertoevoeging gebruikt.