Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 3.

Procedure bij huurwoningen

Onderdeel van Beleidsregel Wet aanpak woonoverlast van de gemeente Culemborg

Daar waar sprake is van woonoverlast vanuit een huurwoning, zal de verhuurder eerst een eigen procedure voor de behandeling van de overlastmeldingen en het beëindigen van de overlast in moeten zetten om de overlast te beëindigen. Dat kan bijvoorbeeld ook de inzet van buurtbemiddeling zijn, waarbij getrainde bemiddelaars helpen met het oplossen van een conflict of overlastsituatie. Indien een woningverhuurder al datgene wat in zijn macht ligt aantoonbaar heeft ingezet om de woonoverlast te beëindigen en er nog steeds sprake is van overlast, of er ontstaat een urgente situatie waarbij de veiligheid van personen in het geding komt en haast geboden is, dan kan de woningverhuurder aan de burgemeester verzoeken om ondersteuning in de vorm van gebruikmaking van artikel 2:79 APV. Zodra er zicht op is dat de gemeente een rol kan gaan spelen bij het bestrijden van de overlast zal de woningverhuurder de gemeente op de hoogte brengen. Het is niet zo dat alleen de burgemeester actie kan ondernemen tegen woonoverlast. Degenen die er onder gebukt gaan, kunnen procederen tegen de veroorzaker, als praten, buurtbemiddeling of andere benaderingen niet helpen. In de praktijk komt procederen echter weinig voor, omdat het tijdrovend en kostbaar is. Woningverhuurders hebben de mogelijkheid om gebruik te maken van de mogelijkheden die het huurrecht biedt. Zij kunnen in het huurcontract bepalingen opnemen die de huurders ervan weerhouden om overlast te veroorzaken. Als uiterste middel kunnen zij aan de rechter ontbinding van het huurcontract vragen. Woningcorporaties passen soms ook de gedragsaanwijzing toe, in de vorm van een sommatiebrief. Een dergelijke aanwijzing is in feite een gebod om overlast te beëindigen en kan deel uitmaken van een juridische procedure, gericht op huurontbinding, met als gevolg uitzetting. Zo’n gedragsaanwijzing wordt getekend door de overlastgever en is vrijwillig. Een corporatie kan in urgente gevallen, waarin de eigen aanpak te veel tijd zou kosten of niet tot een gewenst resultaat zal leiden, een beroep doen op de burgemeester. Gebruiker die woning/erf in betaling geeft aan niet in BRP ingeschreven personen Het betreft hier verhuur via (online) verhuurplatforms, zoals (maar niet uitsluitend) Wimdu, Airbnb en Ownersdirect.com. Bij dergelijke verhuur is er sprake van een kortdurend verblijf. Het is lastig om overlast aan te pakken die veroorzaakt wordt door kort verblijvende huurders. De overlast ontstaat niet door steeds dezelfde huurder, maar het gaat om achtereenvolgende huurders. Daarom is de mogelijkheid gecreëerd om een gedragsaanwijzing op te leggen aan de eigenaar. De burgemeester heeft de bevoegdheid om een gedragsaanwijzing op te leggen aan een woningeigenaar die zijn of haar woning verhuurt via een online verhuurplatform. In deze gevallen krijgt dus niet de gebruiker van de woning en/of het erf een gedragsaanwijzing, maar de eigenaar. Wanneer een woningeigenaar zijn of haar woning verhuurt via een online verhuurplatform, moet eerst gekeken worden naar civielrechtelijke mogelijkheden, bijvoorbeeld via de hypotheekverstrekker of de vereniging van eigenaren. Het gaat dan om (de handhaving op) een huurbeding uit de hypotheekakte of bepalingen uit de splitsingsakte. Mocht dit niet goed van de grond komen, dan kan een bestuursrechtelijke gedragsaanwijzing worden overwogen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel