**1..** Voordat een gedragsaanwijzing wordt gegeven zoals bedoeld in artikel 2:79 van de APV, wordt zo mogelijk eerst gebruik gemaakt van een andere geschikte wijze om de woonoverlast aan te pakken. Zie bijlage 2, escalatieladder van het Centrum voor Criminaliteitspreventie en Veiligheid (CCV).
**2..** De melder wordt zo nodig eerst verwezen naar voorliggende instanties om de overlast aan te pakken. Hierbij kan bijvoorbeeld gedacht worden aan buurtbemiddeling (in Culemborg door ElkWelzijn), inzet van zorghulpverleners, de wijkagent en/of de verhuurder of mediation. Hierdoor kan ook dossier opgebouwd worden.
**3..** Als er geen einde komt aan de woonoverlast op een andere geschikte wijze, dan bepaalt de burgemeester in overleg met de ingeschakelde instanties of hij toepassing geeft aan de gedragsaanwijzing en handhaving daarvan als bedoeld in artikel 2:79 APV. Het belangrijkste criterium is dan of er sprake is van ernstige en herhaaldelijke hinder voor omwonenden.
**4..** Alle informatie, ook van meldingen bij andere instellingen of bestuursorganen, wordt vastgelegd in een (digitaal) dossier. Het dossier kan onder meer de klachten, meldingen, concreet omschreven waarnemingen, registraties, (sfeer)rapportages, contactgegevens van betrokken bewoner(s), omwonenden en (professionele) partijen en instanties, gespreksverslagen, beoordelingen en evaluaties en adviezen van bij de bestrijding van woonoverlast betrokken partijen bevatten. De gemeente bundelt daarmee alle relevante informatie rond een woonoverlast casus, met inachtneming van de toepasselijke regels rondom privacy. Het beschikken over een deugdelijk dossier en dossieropbouw vormt een noodzakelijke voorwaarde voor de rechtmatige toepassing van de bestuursdwangbevoegdheid van artikel 2:79 APV.
Hoofdstuk 3
Artikel 6.
Toepassing van artikel 2:79 APV
Onderdeel van Beleidsregel Wet aanpak woonoverlast van de gemeente Culemborg